De samenleving en het IK genoom


Het IK genoom 

Als menselijke wezens erven we een visie die we accepteren gedurende tijdens ons opgroeien. Omdat het sterk in ons ingebracht wordt gaan we het ervaren als realiteit. Dit gebeurt vanuit het systematisch ondergedompeld worden in vergetelheid, afhankelijkheid en onderdanigheid. Om dit een naam te geven noem ik dat vanaf nu het ik-genoom. Het ik-genoom is onderhevig aan innerlijke scheuring, verdeeldheid. Het is niet alleen het ervaren van uiterlijke afgescheidenheid en los staan van andere mensen, het is een ondergeschiktheid aan onszelf. 

Voordat we maar de mogelijkheid hebben on een voorstelling te maken van wat we als menselijk wezen zijn, worden we gebombardeerd met sociale regelgeving en met de plek die we dienen in te nemen in de maatschappelijke orde. Deze collectieve verbintenis wordt niet aangevochten en wordt wereldwijd aanvaard door de mensheid. Als soort hebben we dit solitaire leven al duizenden jaren geleefd. Daarbij werd het ik-genoom onderdrukt in relatie tot onze familie, vrienden, samenleving en onszelf. Het was de rem op ons bewustzijn, op onze verbinding en de vervulling van het zijn. 

Het ik-genoom is meer dan een gedachteveld, meer dan een gevoel of instinctieve wens naar eigen ruimte. De opgelegde idee erover heeft zich genesteld in alle delen van ons zijn. Deze invloed spelt al heel ons leven lang een grote rol en gaat tot op genetisch niveau. Het ik-genoom gebruikt het ontstane ego om ons afgeleid te houden door gedachtenstromen, zorgen, conditioneringen, verwachtingen en angsten. Aan de kant schept het ego in ons de mogelijkheid vanuit persoonlijke kracht te leven en overleven. Dit is de slimste zet die innerlijk uitgevoerd wordt.

We houden ons zelf bezig met persoonlijk overleven, met alle afleidingen die het dagelijkse leven ons biedt en dat wordt een opeenstapeling van beïnvloeding door persoonlijke drama’s, verwarring en gehechtheden. We worden het ik-genoom en het omhelsd ons om ons niet meer los te laten. Het is een kloof die zich bevindt tussen wie we denken dat we zijn (dat is slechts een gedachte over onszelf) en hoe de toch agressieve omgeving die de natuur van de mens heeft geprogrammeerd ons vast houdt in zijn normen. Het ik-genoom heeft slimme strategieën en conditioneert ons in het geloof dat wat de maatschappij ons voorhoudt is wat we zouden moeten zijn en ons vertelt hoe we dienen te leven. We gehoorzamen en doen wat ons voorgezegd wordt en niet alleen dat, we vereren die leefwijze en werken er aan mee door onze leefwijze eraan aan te passen. We willen daarin individueel ook nog wat bereiken op de ladder van het bestaan. We vervloeken onze tekortkomingen en op die wijze geven we dagelijks onze kracht weg aan het systeem. 

Als kinderen leefden we een leven van creativiteit en avontuur. Het was gewoon dat we met vriendjes en vriendinnetjes onze verbeelding lieten spreken en uitleefden. We volgenden onze ideetjes, onze passie, onze talenten en ons heldendom op een vrije en open manier. We geloofden dat alles mogelijk was, tot de eisen van het leven, familie, school, carrière en samenleving het overnamen. Onze kracht, mogelijkheden en bestemming werd ons onder onze naïeve en onbewuste neuzen vandaan gehaald. Toen we nog echt jong waren was het idee afgescheiden te zijn van familie en vrienden te absurd om voor te stellen. Nu is het een algemeen aanvaardde realiteit. We worden er in meegezogen door angst, mislukking en sociale intimidatie.

Het WIJ-genoom

Diep in ons leeft het nog, onderdrukt door de dagelijkse manier van bestaan, ons pure potentieel met al zijn mogelijkheden. Deze kwaliteiten verbinden ons met het menselijke ras maar ook met de natuur, de Aarde en het universum en niet in het minst met ons diepste en ware zijn. Het wij-gen gaat voorbij alle grenzen, is al-bewust en sluit niets buiten. Het ik-gen doet een stapje terug wanner het wij-gen spreekt en is vergelijkbaar met de duisternis die moet wijken voor een lichtje. Het wij-gen heeft nog het werkelijke overzicht dat we hadden toen we geboren werden en van wie we zijn over alle grenzen van geboorte en dood heen. Maar dit gevoel van  vereniging, eenheid, hoeft niet beperkt te zijn tot voor of na het leven. We kunnen het ieder moment kennen, voelen als we onze focus verplaatsen van onszelf naar de ander, het andere.

Het unieke gevoel van thuiskomen is dan aanwezig als een topervaringsmoment. Het inspireert ons en geeft ons een oneindig gevoel van bestaan. Het brengt wijsheid en diepere levenswaarden naar boven, geeft het bestaan een doel, schenkt eigenwaarde en voedt het innerlijk. In het NU van de synchroniciteit, is het dagelijkse ZIJN van een andere orde, het is onschuldig als nooit tevoren, en leeft van het ervaren van het wonder van bestaan en het enthousiasme dat we kenden als kleine kinderen. Het is geen handeling, het is geen vorm van kennis, het is onze ware connectie met de bron van bestaan. In die majesteit van thuiskomen is alles één.

Een waar netwerk van energie houdt alles samen, verbindt alles en maakt verbinding met diegenen die zich daarop afstemmen. De zogenaamde ‘werkelijkheid’ verdwijnt in het niet bij de grootsheid van aanwezigheid in bewustzijn en dan kan de werkelijke mens als deel van het al opstaan.

Eenheid

Als we niet samen leven sterven we eenzaam.

Er is een punt in het leven dat we geloven in de misleiding dat wij het zelf zijn die ons leven bepalen. Dat is niet waar. We zijn door onderwijs, religie, politieke standpunten en sociale hiërarchieën gevormd en horen bij de kudde. We hebben onszelf weggeven en laten neerzetten op plaatsen waar we meer meewerken aan probleemvorming en dualiteit dan aan oplossingen. Een dieper zicht op het geheel ervaren we slechts op die momenten dat het leven moeilijk is en ons uitdaagt. Wanneer zware gebeurtenissen en ervaringen ons ego en ik-gen klein maken zien we de fouten in dat grote opgelegde systeem. De vraag dient gesteld te worden waarom we steeds terugtreden in een systeem dat ons volledig tot afhankelijkheid, en de daarbij behorende angst voor verlies, dwingt?

We zijn innerlijk door ons ego aan voorwaarden gebonden geraakt en niet langer bereid te luisteren naar anderen, en dan gaat het over werkelijk luisteren. Maar dat kan ook niet als we niet naar onszelf luisteren, naar ons innerlijke wezen. Als we ons innerlijk niet kennen is het onmogelijk vertrouwen te hebben in anderen. Als we zelf kracht geven en de bijbehorende vrijheid oppakken kunnen we ook anderen toelaten. Je zelf overgeven aan vertrouwen maakt dat we groeien in compassie, dat we medegevoel, empathie kennen naar onszelf en anderen. Als we ons niet durven uitleveren aan onbegrensde liefde, en anderen bijstaan in liefde, kunnen we nooit ofte nimmer de pure vreugde van de grootste liefdesbron ervaren.

Er is slechts één weg naar het ervaren van eenheid. Die uit zich in onze zorg naar en voor anderen. Niet de zorg die de maatschappij levert en waarvoor betaald wordt. Het is een gevende kracht die zonder onderscheid handelt. De vervulling die deze handelingen en ervaringen brengen zullen ongekende krachten van inspiratie vrijmaken. Dat is de basis van het bestaan om in het nu niet gevangen te zijn in regels en ordeningen die opgelegd zijn maar zelf te kiezen in de handelingen die we verrichten voor, met en naar anderen en onszelf toe. De toekomst kan volledig anders zijn wanneer we daartoe over gaan. Een nieuw fundament kan gelegd worden vanuit dat eenheidservaren dat niet gericht is op ik-vervulling. Willen we als soort op deze Aarde overleven staan we voor de keuze.

We kunnen vanuit de bestaande maatschappelijke norm en ontwikkelingen ‘overleven’, maar we kunnen ons ook richten op samenwerking, zorg dragen voor elkaar en door eenheid voor te staan, dan kunnen we gedijen op een positieve manier die de mens als zielenwezen voedt en doet groeien.

Eenheid is de levende waarheid van het bestaan als mensheid.

Het is onze bestemming en de enige weg die de wereld kan transformeren.


Door: Iam Saums , 26 juli 2014

Bron: http://www.zengardner.com/community/