Monsanto's Roundup, de totale onkruidverdelger, overwonnen door de natuur


Boemerangeffect bij Monsanto
In de Verenigde Staten hebben landbouwers vijfduizend hectare met genetisch gemanipuleerde sojagewassen aan hun lot moeten overlaten en vijftigduizend andere worden ernstig bedreigd. Deze paniek is te danken aan een ‘slecht’ kruid, dat besloten heeft zich te verzetten tegen de gigant Monsanto, bekend als zijnde het grootste roofdier van de aarde. Deze overgeplaatste plant vermenigvuldigt zich onbeschaamd snel en confronteert hen met hun grondbasis glyfosaat, waartegen ‘geen enkel slecht kruid is gewassen’.

Als de natuur er weer bovenop komt
Het is in 2004 dat een landbouwer uit Macon in Georgië, een stad die ongeveer 130 kilometer van Atlanta ligt, merkt dat sommige amarantenscheuten resistent zijn tegen Roundup waarmee hij zijn sojagewassen besproeit.

De velden, die het slachtoffer zijn van dit allesoverwoekerende slechte kruid, zijn bezaaid met korrels Roundup Ready, die een zaad bevatten dat een resistentievastheid tegen Roundup heeft gekregen waartegen geen enkel ‘slecht kruid is gewassen.’

Sinds die tijd is de situatie verergerd en heeft het fenomeen zich verspreid naar andere staten, Zuid- en Noord-Carolina, Arkansas, Tennessee en Missouri. Volgens een groep wetenschappers van het Centrum voor Ecologie en Hydrologie, een Britse organisatie, gevestigd in Winfrith in het graafschap Dorset zou er een genenoverdracht hebben plaatsgevonden tussen de GGO-plant (genetisch gemodificeerde plant) en enkele ongewenste kruiden zoals de amarant. Dit officiële verslag spreekt de afdoende en positieve beweringen tegen van de verdedigers van de GGO (Genetisch Gemodificeerde Organismen), die pretenderen en erop hameren dat een kruising tussen een genetisch gemodificeerde plant en een niet-gemodificeerde plant eenvoudigweg ‘niet mogelijk’ is.

Voor de Britse geneticus Brian Johnson, gespecialiseerd in problemen met betrekking tot de landbouw ‘behoort een enkele geslaagde kruising tot verschillende miljoenen mogelijkheden. Zodra ze gecreëerd is, bezit de nieuwe plant een enorm selectief voordeel en vermenigvuldigt ze zich snel. De krachtige onkruidverdelger, op basis van glyfosaat en amonium, die hier gebruikt is, heeft een enorme druk op de planten uitgeoefend, die de aanpassingssnelheid nog heeft verhoogd.’ Dus lijkt het erop dat een weerstandszaadje tegen onkruidverdelgers het leven heeft geschonken aan een hybridisch plant ontsproten uit een sprong tussen de zaadkorrel die hij geacht werd te beschermen en de amarant die onmogelijk te verwijderen bleek te zijn.

De enige oplossing is de slechte kruiden handmatig te verwijderen, zoals men vroeger deed, maar dat is niet altijd mogelijk gezien de uitgestrektheid van de teelt. Bovendien is dit diepgewortelde onkruid heel moeilijk eruit te trekken en heeft men vijfduizend hectares gewoon aan hun lot overgelaten.
Een groot aantal landbouwers zijn van plan om van GGO’s af te zien en terug te keren naar de traditionele landbouw, mede omdat de GGO-planten steeds duurder worden en de rentabiliteit essentieel is voor deze manier van landbouw. Zo geeft Alan Rowland, producent en handelaar in sojazaden in Dudley in Missouri, toe dat niemand hem meer korrels van Monsanto van het type Roundup Ready vraagt, terwijl deze sector de laatste tijd 80% van zijn handel vertegenwoordigde. Op het moment zijn de GGO-korrels uit zijn catalogus verdwenen en stijgt de vraag naar traditionele graankorrels voortdurend.

Op 25 juli 2005 publiceerde de Guardian al een artikel van Paul Brown, dat onthulde dat gemodificeerde zaden van granen doorgevoerd waren naar wilde planten, die zo een supergraan creëerde dat reistent was tegen onkruid; een ‘onbegrijpelijke’ kruising voor de wetenschappers van de ministeries uit de omgeving. Sinds 2008 maken de Amerikaanse landbouwmedia steeds meer melding van gevallen van resistentie en de regering van de Verenigde Staten heeft belangrijke financiële injecties gegeven, die het Ministerie van Landbouw verplicht hebben sommige van haar activiteiten te verminderen en vervolgens te stoppen.

Duivelse en heilige plant
Het is amusant om te constateren dat deze, in de ogen van de genetische landbouw, ‘duivelse’ plant een heilige plant is voor de Inca’s. Zij maakt deel uit van een van de oudste voedingsmiddelen van de wereld. Elke plant produceert gemiddeld 12000 graankorrels per jaar en de bladeren, die meer eiwitten bevatten dan soja, bevatten de vitamines A en C en minerale zouten.

Zo neutraliseert deze boemerang, door de natuur aan Monsanto teruggegeven, niet alleen dit roofdier, maar vestigt ze op plekken een plant die de mensheid kan voeden in geval van hongersnood. Zij verdraagt de meeste klimaten, zowel de droge regio’s als de moussonstreken en de hoge tropische gebieden en heeft noch problemen met insecten noch net ziektes, dus zal ze nooit behoefte hebben aan chemische producten.

Zodoende trotseert ‘de maranta’ het machtige Monsanto zoals David zich tegen Goliath keerde. En iedereen weet hoe deze, toch echt ongelijke strijd, eindigde! Als deze fenomenen zich in voldoende mate voortzetten, hetgeen geprogrammeerd lijkt, kan Monsanto spoedig alleen nog maar haar biezen pakken. Wie zal er, behalve de gesalarieerden, deze doodsonderneming beklagen?




Auteur: © Sylvie Simon.

Dit artikel is onlangs verschenen in het tijdschrift “VOTRE SANTE”