Westerse spionage via ‘cyber magicians’ online

 

Geheime onderdelen van het ‘Five Eyes’ (vijf ogen) wereldwijde spionagenetwerk zijn betrokken bij het online controleren, binnendringen en misleiden van internetgroepen, netwerken en individuen, door de verspreiding van onjuiste informatie, Daarbij wordt gebruik gemaakt van vernuftige sociale kennis tactieken.


Teams van hoogopgeleide professionals hebben een aantal doelen duidelijk uitgelijnd gekregen b.v.:

‘Om allerlei misleidend en onwaar materiaal in internet  binnen te brengen’ (zij gebruiken de term injecteren) en ‘Gebruik te maken van sociale wetenschappen en andere technieken om het internetverkeer te sturen en zo op actieve wijze berichten en uitkomsten die wenselijk zijn naar voren te brengen’. 

Deze informatie komt uit een document van de ‘Joint Threat Research Intelligence Group’ (JTRIG) en heeft als titel ‘The Art of Deception: Training For Online Covert Operations’ (De kunst van misleiding; Training voor geheime operaties op internet) Dit geheel valt onder het Britse hoofdkwartier voor communicatie (GCHQ) en valt onder strikte geheimhouding. De landen die betrokken zijn bij het ‘Five Eyes’ project zijn Groot Brittanië, De Verenigde Staten, Australië, Canada en Nieuw Zeeland.  


Het document geeft de tactieken aan die gebruikt worden om de doelen te halen.  

  • De eerste is ‘het “doel” een slecht naam bezorgen’ door materiaal online te plaatsen dat negatief en belastend is voor de organisatie of persoon op plaatsen die voor iedereen toegankelijk zijn en snel in zoekmachines bovendrijven.
  • De tweede manier heet de ‘Honey Trap’ en die werkt via het naar buiten brengen van seksueel compromitterende situaties via de sociale media zodat de informatie direct bij familie, vrienden en collega’s terecht komt. Daarbij wordt de foto van de persoon vervangen door een compromitterende foto.
  • Wanneer het om een bedrijf gaat kan men gebruik maken van het verspreiden van gevoelige en vertrouwelijke informatie naar persagentschappen zodat er een negatief beeld ontstaat en zakenpartners hun betrekkingen verbreken.

Het ultieme doel van JTRIG is in het document beschreven door het Britse hoofdkwartier van communicatie als ‘technieken om zaken in beweging te brengen in de cyberwereld en dus ook in de wereld’.  

Daarbij maakt men gebruik van de vier D’s:

  • Deny (onkennen)
  • Disrupt (verdelen, ontwrichten)
  • Degrade (vernederen)
  • Deceive (misleiding, bedrog)

Hierbij gaat het niet over het bespioneren van andere landen op gebied van militaire ontwikkelingen o.i.d. maar het gaat over het belasten van mensen die verdacht worden van een wat dan ook. Het kunnen anonieme persoenen zijn, iedereen dus waarvan men het nodig acht dat hij of zij ‘geneutraliseerd’ dient te worden. 

Greenwald, die dit naar buiten deed komen schrijft:

‘Het is niet moeilijk te zien hoe geheime overheidsorganisaties zo iedere wenselijk individu kunnen aanpakken, zelfs wanneer zij nooit in aanraking zijn geweest met justitie, of niet eerder veroordeeld zijn voor wat dan ook, via dit soort misleidende tactieken kun je iemands reputatie beschadigen of vernietigen’. 

Daaraan dient te worden toegevoegd, dat de doelen geen banden met enige terroristische groep of activiteit hoeven te onderhouden om gezien te worden als een bedreiging voor de nationale veiligheid. Het lijkt erop dat het hier om de aanpak gaat van andersdenkenden, politieke activisten of mogelijke hackers.


‘Deze geheime diensten hebben zichzelf de macht toegeëigend de reputatie van mensen ten gronde te kunnen richten terwijl er geen banden bestaan met terrorisme of landelijke veiligheidsproblemen’. 

Het gaat hier voornamelijk om psychologische en sociaal ontwrichtende tactieken die via internet sturen in gewenste richting zodat de lezer op een nieuwe wijze aangesproken wordt.

Daarbij wordt gebruik gemaakt van termen als leiderschap, vertrouwen, gehoorzaamheid en inschikkelijkheid. Men doet een beroep op de lezers menselijke intelligentie en zijn oordeel aangaande de internetinformatie die men naar buiten brengt over het ‘doel’. De aangeboden misleidende informatie doet zijn werk en de geloofwaardigheid van ‘het doel’ wordt ernstig beschadigd. 

Bij navraag wilde het Britse hoofdkwartier van communicatie (GCHQ) geen commentaar geven maar wel kwijt dat: ‘deze methoden niet illegaal zijn’.


De afbeeldingen in dit artikel komen van  www.firstlook.org

Bron: www.pakalertpress.com/2014/02/26/western-spy-agencies-build-cyber-magicians-to-manipulate-online-discourse



Boek wat hierop aansluit:

The Circle van Dave Eggers


In Amerika kwam ‘The Circle’ uit, de nieuwe Orwelliaanse roman van Dave Eggers.

“Ik denk dat we al verwikkeld zijn in een doorlopend en belangrijk onderzoek naar hoe technologie ons beïnvloedt. Maar misschien dat fictie daar een ander licht op kan werpen.” Dat zegt Dave Eggers in een interview met The New York Times. Slaagt Eggers daar zelf in?

In zijn nieuwe roman The Circle, die vandaag in Amerika uitkomt, komt 24-jarige vrouw Mae Holland te werken bij het technologiebedrijf The Circle, op het oog een combinatie van Facebook, Google en Twitter. Ze ervaart hoge werkdruk. Ook voelt ze zich gedwongen haar persoonlijke leven te delen. ‘Geheimen zijn leugens’ en ‘Privacy is diefstal’, zijn de slogans van het bedrijf die zo ontleend lijken aan Orwells 1984, waarin de staatspartij haar burgers de volgende slogans (wie kent ze niet) voorhoudt: ‘war is peace, freedom is slavery, ignorance is strengh’.

TIME: ’1984’ BESTAAT AL

Volgens Time is het niet mogelijk om de 1984van onze tijd te schrijven, omdat Orwells roman óók zo goed voor deze tijd opgaat. En dan toch mag Eggers’The Circle gezien worden als een belangrijke aanvulling:

“One could think of Dave Eggers’ blisteringly didactic new novel The Circle as a timely and potent appendix to it. We have met Big Brother, and he is us. In The Circle Eggers has set his style and pace to technothriller: the writing is brisk and spare and efficient, with occasional gratuitous sexy bits, and his characters have a calculated shallowness. It works. One doesn’t get the sense that Eggers is making a bid to be more commercial; it’s more like he’s got something urgent to say and no time for literary foolery.”