De krokodillentranen van Exxon en Shell
 

In het in januari gepubliceerde artikel MONEY werd in duidelijke getallen aangegeven hoe de grote westerse gas- en oliemaatschappijen:
• in de periode 2004-2006 hoge winsten boekten;
• relatief zeer weinig investeerden in research en ontwikkeling van alternatieve energiebronnen;
• hoge dividenden uitkeerden aan de aandeelhouders;
• voor enorme bedragen aandelen hebben teruggekocht van aandeelhouders;

De olie- en gasprijzen stijgen in een schijnbaar niet te  stuiten tempo. Op de vraag waarom dit gebeurt wijzen de betrokken partijen met een beschuldigende vinger naar elkaar. De overheden van landen met olie- en gasreserves zouden een steeds groter deel van de koek opeisen, de producenten zouden het aanbod beperken om de prijs hoog te houden,  er zouden problemen zijn bij de raffinaderijen van Shell, Exxon, BP en andere maatschappijen waardoor er onvoldoende verwerkingscapaciteit kan worden ingezet. Speculanten op de beurs zouden de prijzen omhoogstuwen.  Wat ook de oorzaak hiervan mag zijn, alle partijen hebben belang bij de hoge olie- en gasprijs.

Hoewel BP de winst in 2007 zag dalen met 22%, realiseerde dit bedrijf toch nog een mooi resultaat van ruim $ 17 miljard na een afboeking van $ 3 miljard op de olie- en gasreserves, die eigendom van BP zijn.  Opnieuw was BP genereus naar de aandeelhouders. Het uitgekeerde dividend bedroeg in 2007 ruim $ 8 miljard en de onderneming kocht voor eveneens $ 8 miljard terug aan aandelen. Ondanks het “ slechte” jaar 2007 werd bijna 100% van de winst teruggeven aan de aandeelhouders.

Exxon slaagde er in 2007  in het megaresultaat van 2006 te evenaren. Het resultaat steeg met 3% naar een winst van ruim $ 40 miljard. Ook Exxon keerde meer dan de in 2007 behaalde winst uit aan de aandeelhouders. Het dividend bedroeg $ 8 miljard en Exxon kocht voor $ 33 miljard terug van aandeelhouders. Exxon is tot op zekere hoogte zelfs mededeelzaam over van wie de aandelen werden teruggekocht:
‘Purchases may be made in both the open market and through negotiated transactions and may be increased, decreased or discontinued at any time without prior notice.’

Shell realiseerde in 2007 een winst van $ 31 miljard. In 2006 bedroeg de winst $ 25 miljard. Een stijging van 24%! Van het resultaat ging 30% ofwel $ 9 miljard naar de aandeelhouders in de vorm van dividend. De onderneming kocht voor $ 4 miljard in aan aandelen. Hiermee was Shell de minst genereuze van de drie grote  fossils.  Maar hoewel de mediaboodschappen van Shell anders suggereren,  blijkt niet uit de cijfers dat Shell aanzienlijke bedragen is gaan investeren in onderzoek naar en ontwikkeling van andere energiebronnen.  Het ziet er meer naar uit dat Shell tegenslagen heeft geïncasseerd in het verkrijgen van productierechten van olie- en gasvelden waardoor de controle  upstream  minder is geworden. Het ligt daardoor eerder voor de hand dat Shell reserves kweekt voor onderzoek en ontwikkeling van olie- en gasvelden die moeilijk winbaar zijn, zoals in diepzee- en Arctische gebieden, maar die het voordeel hebben dat er geen lastige overheden zijn waarmee moet worden onderhandeld.

De voortdurend in de media herhaalde informatie dat de olie- en gasvoorraden binnen een beperkt aantal jaren zouden zijn uitgeput omdat de vraag wereldwijd zo is toegenomen, lijkt niet waar te zijn.  Het gaat om geopolitieke belangen.  Landen, zoals Rusland, Venezuela, Iran etcetera  kennen de macht van het ‘ de hand aan de kraan hebben’.  De grote westerse olie- en gasmaatschappijen hebben tot dusver grotendeels controle kunnen uitoefenen op de winning door het te halen uit landen met hun welgezinde overheden, al dan niet geholpen door het uitkeren van aantrekkelijke bonussen aan de plaatselijke machthebbers. Deze olie- en gasvelden raken langzamerhand op. Hierdoor moeten de grote fossils onderhandelen met lastige overheden, die een groter deel van de opbrengst opeisen dan men gewend was en die eisen stellen aan de manier waarop de winning plaatsvindt. Niet omdat deze overheden menslievend zijn, maar meer omdat er voor propaganda naar het volk geld nodig is. Shell wordt van de grote westerse maatschappijen het meest nadrukkelijk geconfronteerd met deze realiteit. Vandaar dat deze onderneming de meeste krokodillentranen plengt in de media:


De tranen en verwijten van Shell en Exxon zijn tegen de achtergrond van de gigantische bedragen die worden uitgekeerd aan ‘hun’ aandeelhouders haast lachwekkend. Als deze bedrijven werkelijk zo begaan zouden zijn met het welzijn van de wereldbevolking en een gestadige wereldwijde economische groei, dan zouden er door deze maatschappijen  in de afgelopen vijf jaar grootscheepse investeringen zijn gedaan in het onderzoek naar en de ontwikkeling en productie van nieuwe en schone energie.  Het tegenargument dat er voor deze projecten onvoldoende middelen beschikbaar zouden zijn, is aantoonbaar onjuist, want aan de aandeelhouders werd in de periode 2004 – 2007 door Exxon, BP, Shell, Texaco en Total meer dan $ 300 miljard uitbetaald. En met zelfs de helft van zo’n bedrag zouden mooie dingen kunnen zijn gedaan als daartoe de wil aanwezig was geweest.

Over wat er in werkelijkheid met deze gigantische hoeveelheid geld is en wordt gedaan kan slechts worden gespeculeerd omdat de verdere gang van deze geldstromen voor een belangrijk deel aan het oog is onttrokken. De overheden van de westerse landen en uiteindelijk hun burgers moeten het maar zien op te lossen, door moeizaam uit belastinggeld gefinancierde  alternatieve energieprojecten te organiseren, die als het begrotingstechnisch even niet uitkomt ook weer kunnen worden stopgezet, zoals een kernfusieproject:

Budgetstop VS zet mogelijk rem op kernfusieproject Iter

(Bron: Het Financieel Dagblad)

En tezelfdertijd gaan de olie- en gasmaatschappijen onverdroten voort met het begunstigen van investeerders in hun aandelen:

Persbericht Shell - voortgang aandeleninkoop
29 februari 2008, 19:12 uur | FD.nl/Betten

Amsterdam (BETTEN FINANCIAL NEWS) - Hier volgt de tekst van een persbericht van Royal Dutch Shell.

Op de 'drie harde waarheden' voor de toekomstige energievoorziening antwoordt olieconcern Shell met twee afkortingen: Tina en Tania.

Tina staat voor 'there is no alternative' en het zusje Tania voor 'There are no ideal answers', zo luidt de sombere conclusie die vicepresident Jeremy Bentham van Global Business Environment van Shell International trekt tijdens zijn presentatie in Amsterdam over de energiescenario's van Shell tot 2050.
De drie harde waarheden van Shell houden in dat de energiehonger van groeireuzen China en India leidt tot een explosieve groei in de vraag naar fossiele brandstoffen, zoals olie en gas. De industrie zal steeds meer moeite hebben om die groeiende vraag te kunnen bijbenen. Tegelijk neemt de druk op klimaat en milieu toe omdat een steeds groter deel van de wereldbevolking zijn aandeel opeist van de steeds moeilijker winbare fossiele brandstoffen. Dat terwijl er minder 'easy oil' wordt gevonden en gewonnen dan er verdwijnt in auto's en kachels.
(bron: Het Financieel Dagblad d.d. 12 februari 2008)
Grote broer Exxon huilt mee:
Bestuursvoorzitter Rex Tillerson van het Amerikaanse olieconcern ExxonMobil heeft gisteren hard uitgehaald naar olie- en gasrijke landen die eenzijdig contracten met westerse oliemaatschappijen veranderen. ‘Energienationalisme kan verstrekkende gevolgen hebben voor de wereldeconomie en betrouwbaarheid van de energievoorziening’, zei Tillerson gisteren in Rome tijdens een toespraak op het driejaarlijkse World Energy Congres.
Zonder landen bij naam te noemen verwees Tillerson veelvuldig naar Rusland, waar zowel Shell als BP de controle over olie- en gasprojecten onder druk van het Kremlin moesten overdragen aan staatsgasconcern Gazprom. ‘Sommige landen hebben eenzijdig contracten met oliemaatschappijen aangepast en projecten genationaliseerd’, aldus Tillerson.
‘Maar energienationalisme is contraproductief’, waarschuwde de ExxonMobil-topman. Omdat het aanbod kunstmatig krap wordt gehouden door het weren van buitenlandse investeringen ‘vertraagt de economische groei wereldwijd’. De bevolking van olie- en gasrijke landen betalen volgens Tillerson het gelag. ‘Die landen missen door de lagere productie olie-inkomsten en er wordt minder geïnvesteerd in de lokale economieën.
(bron Het Financieel Dagblad 13 november 2007) 
Royal Dutch Shell plc announces that on 29 February, 2008 it purchased for cancellation 450,000 "A" Shares at a price of 23.79 euros per share. It further announces that on the same date it purchased for cancellation 130,000 "A" Shares at a price of 1814.62 pence per share.

Following the cancellation of these shares, the remaining number of "A" Shares of Royal Dutch Shell plc will be 3,560,505,000.

As of 29 February, 2008 2,759,360,000 "B" Shares of Royal Dutch Shell plc were in issue.
(Bron: Het Financieel Dagblad)