De EU is een religie


Thierry Baudet

NRC 18 okt 2012,
Wanneer ik spreek met voorstanders van het Europese project stel ik hun altijd de vraag: „wat zou iemand moeten aantonen, of wat zou er moeten gebeuren, om u van uw overtuiging af te brengen?” De vraag komt van de Oostenrijks-Britse filosoof Karl Popper (1902-1994), die in het vermogen deze vraag te beantwoorden de ultieme test zag voor een rationele, wetenschappelijke benadering. Falsificatie noemde hij dat. 

Wie een stelling poneert – bijvoorbeeld dat Europese integratie noodzakelijk of belangrijk is – dient aan te geven wat er moet worden aangetoond of gebeuren om die stelling onderuit te halen. Kan iemand dat niet, dan heeft hij geen rationele of wetenschappelijke opvatting, maar een religieuze of ideologische. 

Popper ontmaskerde hiermee het marxisme. De gedachte dat de geschiedenis de uitdrukking is van een ‘klassenstrijd’, en dat er vroeg of laat een ‘wereldrevolutie’ komt, kan op geen enkele wijze worden gefalsificeerd. Het is een gesloten theorie, met een visie op het verleden (‘onderdrukking’) en een visioen van de toekomst (‘revolutie’). Niets kan de theorie doen wankelen. 

Het marxisme levert een verklaring voor alles wat er kan gebeuren. Als de arbeidersklasse in opstand komt, is dat een bevestiging van de marxistische theorie. Als de arbeidersklasse niet in opstand komt, dan is dat evengoed een bevestiging van de marxistische theorie. Kennelijk wordt de arbeidersklasse dan namelijk nog onderdrukt. ‘We moeten het beter uitleggen’, luidt de eenvoudige conclusie. Wat er ook gebeurt, aan het gelijk van Karl Marx hoeft nooit te worden getwijfeld. 

Precies hetzelfde zien we bij het Europese idee. Op mijn vraag wat iemand zou moeten aantonen, of wat er zou moeten gebeuren, om voorstanders van hun overtuiging af te brengen, krijg ik dan ook nooit antwoord. In plaats daarvan volgt een rituele herhaling van de officiële EU-propaganda. In het verleden was er ‘oorlog’, in de toekomst zal er ‘eenwording’ zijn.

EU gelovigen draaien cirkels om het project te verdedigen

Als je dan wijst op het veel grotere belang van de NAVO voor die vrede, op de Koude Oorlog, op het ontstaan van een democratisch Duitsland, op de demografische en technologische ontwikkelingen enzovoorts, dan luidt het antwoord: maar de EU leidt tot wel vaart. Wie dan laat zien dat handel drijven ook zónder Brusselse bureaucratie mogelijk is, en dat de euro verschillende lidstaten aan de rand van de economische afgrond heeft gebracht, die krijgt te horen dat het werkelijke belang van de EU gelegen is in het vormen van een blok tegen opkomende machten als China en Brazilië. Wie zijn gesprekspartner vervolgens voorlegt dat de EU juist de grote, unieke kracht van Europa – namelijk de bestuurlijke en culturele diversiteit – ondermijnt, en dat alle bepalende gebeurtenissen in de Europese geschiedenis, zoals Reformatie, Verlichting en industriële revolutie, juist door die bestuurlijke decentralisatie konden plaatsvinden, dan luidt het antwoord dat we toch niet moeten vergeten dat we al zestig jaar vrede hebben. Zo zijn we weer rond. 

Stemt de bevolking tegen verdergaande Europese eenwording, bijvoorbeeld via referenda, dan is de conclusie: ‘we moeten het beter uitleggen’. Lopen Brusselse systemen vast, zoals bij de euro, dan ‘is de invoering te vroeg gekomen’. En wijs je er ten slotte op dat de Scandinavische landen nooit akkoord zullen gaan met een federaal Brussel, dan klinkt het pleidooi voor een ‘Europa van twee snelheden’. 

Twee snelheden – het klinkt als een open wereldbeeld. Maar het betekent: we rijden op dezelfde weg, in dezelfde richting, alleen de één gaat sneller dan de ander. De eurofiel kan zich geen twee bestemmingen voorstellen. Er is immers maar één bestemming: de geschiedenis heeft maar één richting. Sommigen lopen voorop (ene snelheid), anderen hobbelen achteraan (tweede snelheid) – maar laat niemand zich vergissen in het einddoel. 

Dat de bevolkingen het niet willen, dat Brussels centralisme niet werkt, dat de economieën van Zuid-Europa instorten, dat in Portugal en Spanje honderdduizenden mensen de straat op gaan, dat zich in Griekenland een Weimarscenario voltrekt – de voorstander van het Europese project trekt er maar één conclusie uit: meer Europa. Zijn wereldbeeld is even hermetisch als dat van de marxist, en het laat zich op geen enkele wijze door de werkelijkheid bijsturen. 

Meer dan een halve eeuw na de publicatie van Poppers The Open Society and Its Enemies is het gesloten denken nog steeds onder ons – springlevend en gedragen door het grootste deel van onze hopeloze elite.

 

Column door Thierry Baudet,  NRC 18 okt 2012
Thierry Baudet is jurist, historicus en schrijver.