Obama verhoogt de militaire inzet:
Confrontatie op de grens met China en Rusland

 

Introductie
Na het lijden van belangrijke militaire en politieke nederlagen bij bloederige grondoorlogen in Afghanistan en Irak, het falen om al lang bestaande klanten in Jemen, Egypte en Tunesië te steunen en getuige te zijn van het uiteenvallen van marjonetregimes in Somalië en Zuid-Soedan, heeft het Obama-regime niets geleerd: in plaats daarvan heeft het zich gericht op een grotere militaire confrontatie met wereldmachten, namelijk Rusland en China. Obama heeft een provocerende offensieve militaire strategie goedgekeurd aan de grenzen van zowel China als Rusland.

 

Na van nederlaag tot nederlaag te gaan aan de periferie van wereldmacht en ontevreden te zijn met lopende schatkisttekorten in navolging van imperiumopbouw tegen economisch zwakke landen, heeft Obama een politiek omhelst van omsingeling en provocaties tegen China, de tweede grootste economie van de wereld en de belangrijkste schuldeiser van de VS, en Rusland, de hoofdleverancier van olie en gas van de Europese Unie en de op één na grootste nucleaire wapenmacht ter wereld.

Dit document richt zich op de zeer irrationele en wereldbedreigende escalatie van het imperiaal militarisme van het Obama-regime. We onderzoeken de wereldwijde gewapende, economische en binnenlandse politieke context die aanleiding geeft tot dit beleid. Vervolgens onderzoeken we de vele conflict- en interventiepunten waarin Washington is betrokken, van Pakistan, Iran, Libië, Venezuela, Cuba en daarbuiten. We zullen vervolgens de reden voor militaire escalatie tegen Rusland en China analyseren als onderdeel van een nieuw offensief dat verder gaat dan de Arabische wereld (Syrië, Libië) en wanneer ze geconfronteerd worden met de afnemende economische positie van de EU en de VS in de wereldeconomie. Wij zullen dan de strategieën van een inkrimpend imperium schetsen, gevoed door eeuwige oorlogen, met uitzicht op de wereldwijde economische neergang, binnenlands diskrediet en een werkende bevolking die wankelt onder de lange termijn en grootschalige ontmanteling van haar fundamentele sociale programma's.

De kentering van militarisme in de periferie naar wereldwijde militaire confrontatie
November 2011 is een moment van groot historisch belang: Obama maakte twee grote politieke standpunten bekend, beide met enorme strategische gevolgen die van invloed zijn op concurrerende wereldmachten.

Obama verklaarde een beleid van militaire omsingeling van China dat gebaseerd is op het stationeren van een maritieme- en vliegende oorlogsvloot richting Chinese kust, een openlijk beleid ontwikkelt om China’s toegang tot ruwe grondstoffen en commerciële en financiële banden in Azië te verzwakken en te verstoren. Obama's verklaring dat Azië de prioritaire regio voor de Amerikaanse militaire expansie, de opbouw van basissen en economische allianties is, was gericht tegen China, het uitdagen van Peking in zijn eigen achtertuin. Obama's ijzeren vuist beleidsverklaring die gericht was aan het Australische parlement, was glashelder in de bepaling van de Amerikaanse imperialistische doelstellingen.

"Onze aanhoudende belangen in de [Aziatische Stille Oceaan] regio vraagt onze voortdurende aanwezigheid in deze regio ... De Verenigde Staten is een Stille-Oceaan-macht en we blijven hier ... terwijl we de huidige oorlogen beëindigen [dwz de nederlagen en terugtrekkingen uit Irak en Afghanistan] ... Ik heb mijn nationale veiligheidsploeg de opdracht gegeven om onze aanwezigheid en missies in de Aziatische Stille Oceaan tot een topprioriteit te maken ... Als gevolg daarvan zal de vermindering van de Amerikaanse defensie-uitgaven niet ... ten koste van de Aziatische Stille Oceaan gaan."(CNN.com, 16 november 2011).

De precieze aard van wat Obama onze “aanwezigheid en missie " noemde werd onderstreept door de nieuwe militaire overeenkomst met Australië om oorlogsschepen, gevechtsvliegtuigen en 2500 mariniers te zenden naar de meest noordelijke stad van Australië (Darwin), gericht op China. Minister van Buitenlandse Zaken Clinton heeft het grootste deel van 2011 doorgebracht met het maken van zeer provocerende voorstellen aan Aziatische landen die maritieme grensconflicten met China hebben. Clinton heeft de VS gedwongen ingezet in deze geschillen, door het stimuleren en verscherpen van de eisen van Vietnam, de Filippijnen, Brunei en de Zuid-Chinese Zee. Erger nog, Washington is zijn militaire banden en verkopen met Japan, Taiwan, Singapore en Zuid-Korea aan het versterken, evenals de verhoging van de aanwezigheid van oorlogsschepen, nucleaire onderzeeërs en vluchten van oorlogsvliegtuigen over China’s kustwateren. In overeenstemming met het beleid van militaire omsingeling en provocatie, bevordert het Obama-Clinton-regime Aziatische multilaterale handelsovereenkomsten die China uitsluiten en Amerikaanse multinationale ondernemingen, bankiers en exporteurs bevoorrechten, onder de naam van een "Trans-Pacific Partnership". Het omvat op dit moment vooral kleinere landen, maar Obama heeft hoop om Japan en Canada te verleiden om mee te doen ...

Obama's aanwezigheid op de APEC-vergadering van Oost-Aziatische leiders en zijn bezoek aan Indonesië in november 2011 draaien allemaal rond inspanningen om de Amerikaanse hegemonie veilig te stellen. Obama-Clinton hopen de relatieve daling van de Amerikaanse economische banden ten aanzien van de geometrische groei van handels- en investeringsbanden tussen Oost-Azië en China tegen te gaan.

Een zeer recent voorbeeld van de waanzinnige maar destructieve inspanningen van Obama-Clinton om opzettelijk China’s economische banden in Azië te verstoren, vindt plaats in Myanmar (Birma). Clinton ’s bezoek aan Myanmar in december 2011 werd voorafgegaan door een besluit van het Thein Sein-regime om een Chinees energiedam-investeringsproject in het nooden van het land op te schorten. Volgens officiële vertrouwelijke documenten vrijgegeven door WilkiLeaks “waren de Birmese NGO’s die de campagne tegen de dam organiseerden en leidden, zwaar gesponserd door de Amerikaanse overheid" (Financial Times, 02 december 2011, blz. 2). Deze en andere provocerende activiteiten en Clinton’s toespraken van veroordeling van chinese “verbonden hulp”, verbleken in vergelijking met de grootschalige lange termijn belangen die Myanmar verbind met China. China is Myanmar's grootste handelspartner en investeerder, waaronder zes andere damprojecten. Chinese bedrijven zijn in het hele land nieuwe snelwegen en spoorlijnen aan het bouwen om zo het zuidwesten van China open te stellen voor Birmese producten en China bouwt oliepijpleidingen en havens. Er is een krachtige dynamiek van wederzijdse economische belangen die niet zal worden verstoord door een geschil (FT, 2 december 2011, blz. 2). Clintons kritiek op China’s miljard-dollar investeringen in de infrastructuur van Myanmar is één van de meest bizarre in de wereldgeschiedenis, in de nasleep van Washington’s brutale achtjarige militaire aanwezigheid in Irak, die volgens officiële ramingen uit Bagdad 500 miljard dollar aan Iraakse infrastructuur verwoestte. Slechts een waanzinnige regering zou kunnen voorstellen dat retorische bloemrijke taal, een driedaags bezoek en de financiering van een NGO een adequaat tegengewicht is voor de diep verbonden economische banden van Myanmar met China. Dezelfde waanzinnige houding ligt aan de grondslag van het hele beleidsrepertoire van verklaringsinspanningen van het Obama-regime om China’s overheersende rol in Azië te verdringen.

Terwijl een op zichzelf staand beleid van het Obama-regime geen onmiddellijke bedreiging vormt voor de vrede, draagt het cumulatieve effect van al deze beleidsverklaringen en militaire machtsontwerpen bij tot een geheel en al uitgebreide inspanning om China’s opkomst als regionale en mondiale macht te isoleren, te intimideren en af te breken. Militaire omsingeling en allianties, de uitsluiting van China in de voorgestelde regionale economische verenigingen, de partijdige interventie in regionale maritieme geschillen en de positionering van technologisch geavanceerde gevechtsvliegtuigen zijn allen gericht op de ondermijning van China 's concurrentiepositie en ter compensatie van de Amerikaanse economische minderwaardigheid via gesloten politieke en economische netwerken.

Het is duidelijk dat de militaire en economische bewegingen van het Witte Huis en de Amerikaanse anti-China demagogie van het Congres zijn gericht op het verzwakken van China 's handelspositie en haar bedrijfsleiders dwingt in de bevoordeling van Amerikaanse bank-en zakenbelangen boven hun eigen bedrijven. Tot het uiterste gedreven, zou Obama’s prioriteit voor een grote militaire druk kunnen leiden tot een katastrofische breuk in VS-Chinese economische betrekkingen. Dit zou leiden tot ernstige gevolgen, vooral maar niet uitsluitend, op de Amerikaanse economie en met name haar financiële stelsel. China bezit meer dan 1,5 miljard dollar aan Amerikaanse schulden, voornamelijk Schatkistpapieren, en koopt elk jaar 200 tot 300 miljard aan nieuwe uitgiften, een belangrijke financieringsbron voor het Amerikaanse tekort. Als Obama een ernstige bedreiging vormt voor China's veiligheidsbelangen en Peking gedwongen wordt om te reageren, zal het geen militaire maar een economische vergelding zijn: de uitverkoop van een paar honderd miljard dollar aan schatkistpapieren en de inperking van nieuwe aankopen van Amerikaanse schulden. Het Amerikaanse begrotingstekort zal omhoogschieten, zijn kredietwaarden zullen tot “vuilnis” herleid worden, en het financiële systeem zal “beven tot het instort”. Rentevoeten om nieuwe kopers van Amerikaanse schuld aan te trekken zullen dubbele cijfers benaderen. De Chinese export naar de VS zal verliezen lijden als gevolg van de devaluatie van de schatkistpapieren die in Chinese handen zijn. China is wereldwijd haar markten aan het diversifiëren en haar enorme binnenlandse markt kan waarschijnlijk het grootste deel van wat China verliest in het buitenland tijdens een terugtrekking van de Amerikaanse markt absorberen.

Terwijl Obama over de Stille Oceaan zwerft om zijn militaire dreigementen aan China aan te kondigen en streeft naar het economisch isoleren van China van de rest van Azië, vervaagt de Amerikaanse aanwezigheid snel in wat vroeger zijn "achtertuin" was: om het met een citaat van een Financial Times journalist te zeggen "China is de enige show [in de stad] voor Latijns-Amerika "(Financial Times, 23 november 2011, blz. 6). China heeft de VS en de EU vervangen als Latijns-Amerika’s belangrijkste handelspartner, Peking heeft miljarden in nieuwe investeringen gegoten en zorgt voor lage rente leningen.

China's handel met India, Indonesië, Japan, Pakistan en Vietnam is aan een veel sneller tempo aan het groeien dan die van de VS. De Amerikaanse poging om een gecentraliseerde imperiale veiligheidsalliantie op te bouwen in Azië is gebaseerd op fragiele economische fundamenten. Zelfs Australië, het anker en de spil van de Amerikaanse militaire stuwkracht in Azië, is sterk afhankelijk van de minerale export naar China. Elke militaire onderbreking zou de Australische economie in een neerwaartse spiraal sturen.

De Amerikaanse economie is niet in staat om China te vervangen als een markt voor export van Aziatische of Australische grondstoffen en productie. De Aziatische landen moeten zich dringend realiseren dat er geen toekomstig voordeel is aan de verbinding met een afnemend, zeer gemilitariseerd imperium. Obama en Clinton bedriegen zichzelf als ze denken dat ze Azië kunnen verleiden tot een lange termijn samenwerkingsverband. De Aziaten gebruiken eenvoudigweg de vriendelijke toenaderingen van het Obama-regime als een “tactisch hulpmiddel”, een onderhandelingstactische zet, om gebruik te maken van betere voorwaarden bij het veiligstellen van de maritieme-en territoriale grenzen met China.

Washington bedriegt zichzelf, als ze van mening is dat ze Azië kan overtuigen om op lange termijn de grootschalige lucratieve economische banden met China te verbreken om zo een exclusieve economische verbinding met dergelijke dubieuze vooruitzichten aan te gaan. Elke 'heroriëntatie' van Azië, van China naar de VS, zou meer vereisen dan de aanwezigheid van een Amerikaanse marine- en luchtvaart oorlogsvloot die gericht is op China. Het zou de totale herstructurering van de Aziatische economieën, klassestructuur en politieke- en militaire elite vereisen. De meest machtige economische ondernemingsgroepen in Azië hebben diepe en groeiende banden met China/Hong Kong, vooral onder de dynamische transnationale Chinese zakenelites in de regio. Een draai in de richting van Washington brengt een enorme contra-revolutie met zich mee, die koloniale “handelaars” (compradoren) vervangt door gevestigde ondernemers. Een draai in de richting van de VS zou een dictatoriale elite vereisen die bereid is om de strategische handels- en investeringsbanden te verbreken en miljoenen arbeiders en deskundigen te verplaatsen. Hoe graag ook sommige door de VS getrainde Aziatische militaire officieren, economen en voormalige Wall Street financiers en miljardairs een “balansering” van de Amerikaanse militaire aanwezigheid zouden willen met Chinees-economische macht, ze moeten zich realiseren dat het uiteindelijk voordeel huist in het uitwerken van een Aziatische oplossing.

Het tijdperk van de Aziatische “comprador kapitalisten" die bereid zijn om nationale industrie en soevereiniteit te verkopen in ruil voor een geprivilegieerde toegang tot Amerikaanse markten, behoort tot het verleden. Ongeacht het grenzeloze enthousiasme voor opzichtig consumeren en de westerse levensstijl die nieuwe rijken in Azië en China nonchalant vieren, ongeacht de omhelzing van ongelijkheden en wilde kapitalistische uitbuiting van arbeid, is er erkenning dat het verleden van Amerikaanse en Europese dominantie de groei en verrijking van een autochtone burgerij en middenklasse verhinderde. De toespraken en uitspraken van Obama en Clinton stinken naar nostalgie van een verleden van neokoloniale opzichters en comprador collaborateurs, een dwaze waanvoorstelling. Hun pogingen tot politiek realisme, in de uiteindelijke erkenning van Azië als economische spil van de huidige wereldorde, neemt een bizarre wending in de fantasie dat militaire positionering en strijdkrachtontwerpen China zal reduceren tot een marginale speler in de regio.

Obama's escalatie van confrontatie met Rusland

Het Obama-regime heeft een grote frontale militaire aanval gelanceerd tegen de grenzen van Rusland. De VS heeft raketbasissen en luchtmachtbasissen opgericht in Polen, Roemenië, Turkije, Spanje, Tsjechië en Bulgarije: Patriot PAC-3 luchtafweerraketcomplexen in Polen, geavanceerde radar AN/TPY-2 in Turkije, en verschillende met (SM-3 IA) raketten geladen oorlogsschepen in Spanje behoren tot de prominente wapens die Rusland omringen, de meeste slechts op enkele minuten verwijderd van het strategische centrale gebied van het land. Ten tweede heeft het Obama-regime uit alle macht een poging ondernomen tot het veiligstellen en uitbreiden van Amerikaanse militaire basissen in Centraal Azië te midden van voormalige Sovjet republieken. Ten derde heeft Washington, via de NAVO, grote economische en militaire operaties gelanceerd tegen de belangrijkste handelspartners van Rusland in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. De NAVO-oorlog tegen Libië, die het Khadafi-regime verdreef, heeft multimiljarden dollar Russische olie- en gasinvesteringen en wapenverkopen lamgelegd of vernietigd en vervangen door een NAVO-marjonet van het voormalig Rusland-vriendelijke regime.

De VN-NAVO economische sancties en de Amerikaans-Israëlische geheime terroristische activiteiten die gericht zijn op Iran hebben de Russische lucratieve miljardendollar handel in nucleaire materialen en oliesamenwerkingsakkoorden ondermijnd. De NAVO, waaronder Turkije, gesteund door de monarchistische dictaturen uit de Golf, heeft harde sancties en gefinancierde terroristische aanvallen op Syrië ingevoerd, de laatst overgebleven bondgenoot van Rusland in de regio en waar het maar één marinefaciliteit (Tartus) heeft aan de Middellandse Zee. De eerdere samenwerking van Rusland met de NAVO, in de verzwakking van zijn eigen economische- en veiligheidspositie, is een product van de monumentale verkeerde interpretatie van de NAVO en vooral Obama’s imperiaal beleid. De Russische president Medvedev en zijn minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov namen ten onrechte aan dat (net als Gorbatsjov en Jeltsin voor hen), het versterken van het VS-NAVO-beleid tegen de handelspartners van Rusland zou resulteren in een soort van “wisselwerking": de VS die zijn offensief “rakkettenschild” ontmantelt op zijn grenzen en steun geeft aan de toelating van Rusland tot de Wereldhandelsorganisatie. Medvedev steunde, in het volgen van zijn liberale pro-westerse illusies, Amerikaans-Israëlische sancties tegen Iran, gelovende dat de verhalen van “nucleaire wapenprogramma’s” juist waren. Vervolgens viel Lavrov voor het NAVO-spoor van "no fly-zones ter bescherming van het leven van Libische burgers" en stemde hij pro, om dan, veel te laat, zwakjes te “protesteren” dat de NAVO "zijn mandaat overschreed” door Libië terug te schieten naar de Middeleeuwen en een pro-NAVO-marjonettenregering van schurken en fundamentalisten te installeren. Uiteindelijk, toen de VS een mes in het hart van Rusland joeg met het doorzetten van een algehele poging om rakketlanceerbasissen te installeren op 5 minuten vlucht van Moskou bij het organiseren van massale en gewapende aanvallen op Syrië, dan pas werd het Medvedev-Lavrov duo wakker uit zijn verdoving en verzette het zich tegen de VN-sancties. Medvedev dreigde het nucleaire raketverminderingsverdrag (START) te verlaten en middenlange afstandsraketten te plaatsen op 5 minuten vlucht van Berlijn, Parijs en Londen.

Het beleid van consolidatie en samenwerking van Medvedev-Lavrov op basis van Obama’s retoriek van “terugstellen van betrekkingen” inviteerde agressieve imperiale uitbouw: Elke overgave leidde tot meer agressie. Als gevolg hiervan is Rusland omringd door raketten op zijn westelijke grens, heeft het verliezen geleden bij haar belangrijkste handelspartners in het Midden-Oosten en moet het Amerikaanse basissen in het zuidwesten en Centraal-Azië onder ogen zien.

Russische ambtenaren hebben, laattijdig, de misleidde Medvedev geruild voor de realistische Poetin als volgende president. Deze verandering naar een politieke realist heeft een te voorspellen golf van vijandigheid jegens Poetin opgeroepen in alle westerse media. Obama’s agressieve beleid om Rusland te isoleren door het ondermijnen van onafhankelijke regimes heeft echter de status van Rusland als nucleaire wapenmacht niet beïnvloed. Het heeft enkel maar de spanningen in Europa verhoogd en misschien elke eventuele toekomstige kans op vreedzame nucleaire wapenvermindering of pogingen om een VN-veiligheidsraad consensus omtrent kwesties van vredevolle conflictoplossing beëindigd. Washington heeft Rusland, onder Obama-Clinton, verandert van een meegaande klant naar een belangrijke tegenstander.

Poetin kijkt naar aanleiding van de bedreigingen uit het Westen, naar een verdieping en uitbreiding van de banden met het Oosten, met name China. De combinatie van de Russische geavanceerde wapentechnologie en energiebronnen en de dynamische Chinese productie-en industriële groei zijn meer dan passend voor de door crisis geteisterde EU-VS economieën die zwelgen in stagnatie.

Obama’s militaire confrontatie ten aanzien van Rusland zal de toegang tot Russische grondstoffen sterk benadelen en definitief elke lange termijn strategische veiligheidsovereenkomst die nuttig zou zijn in het verlagen van het tekort en de heropleving van de Amerikaanse economie, afschermen.

Tussen realisme en waanvoorstelling: Obama’s strategische herstructurering

Obama’s erkenning dat het huidge en toekomstige centrum van politieke en economische macht onverbiddelijk verschuift naar Azië, was een flits van politiek realisme. Na een verloren decennium van het gieten van honderden miljarden dollars in militaire avonturen op de grens en periferie van de wereldpolitiek, heeft Washington eindelijk ontdekt dat dat niet over het lot van naties, vooral grote mogendheden, zal beslissen, behalve in negatieve zin van bloedende middelen over verloren zaken. Obama’s nieuwe realisme en prioriteiten zijn nu blijkbaar gericht op Zuidoost en Noordoost Azië, waar dynamische economieën floreren, markten groeien met de snelheid van een dubbel cijfer, investeerders tientallen miljarden in productieve bedrijvigheid doorklieven en de handel zich uitbreidt tegen drie keer de snelheid van die van de VS en de EU.

Maar Obama’s “nieuwe realisme” is volledig verwoest door misleidende veronderstellingen, die elke serieuze poging tot herstructurering van het Amerikaanse beleid ondermijnen.

In de eerste plaats is de poging van Obama om binnen te treden in Azië een militaire opbouw, en niet via een aanscherping en verbetering van Amerikaans economisch concurrentievermogen. Wat produceert de VS voor de Aziatische landen dat het zijn marktaandeel zal vergroten? Afgezien van wapens, vliegtuigen en landbouw heeft de VS weinig concurrerende industriën. De VS zou zijn economie uitgebreid moeten heroriënteren, geschoolde arbeid moeten opwaarderen en miljarden voor “veiligheid” en militarisme transfereren naar toegepaste innovaties. Maar Obama werkt binnen het huidige militair-Zionistisch-financiële complex: Hij kent geen ander en is niet in staat ermee te breken.

Ten tweede, werken Obama-Clinton onder de illusie dat de VS China kan uitsluiten of diens rol in Azië kan minimaliseren, een beleid dat wordt ondergraven door de enorme en groeiende investeringen en de aanwezigheid van alle grote Amerikaanse multinationals in China, die het gebruiken als een exportplatform voor Azië en de rest van de wereld.

De Amerikaanse militaire opbouw en het intimidatiebeleid zullen China alleen maar dwingen om zijn rol als schuldeiser in de financiering van de Amerikaanse schuld te degraderen, een beleid dat China kan nastreven omdat de Amerikaanse markt, hoewel nog steeds belangrijk, aan het afnemen is, omdat China haar aanwezigheid in de binnenlandse, Aziatische, Latijns-Amerikaanse en Europese markten uitbreidt.

Wat eens Nieuw Realisme leek te zijn, blijkt nu de recyclage van Oude Waanvoorstellingen: De notie dat de VS kan terugkeren naar zijnde de grootste macht in de Stille Oceaan na de Tweede Wereldoorlog. De Amerikaanse pogingen om terug te keren naar de dominantie in de Stille Oceaan onder Obama-Clinton met een kreupele economie, met de dreiging van een over-gemilitariseerde economie, en met grote strategische handicaps: In het voorbije decennium steunde het Amerikaanse buitenlandse beleid op de wenken van Israël’s vijfde kolom (de Israël "lobby"). De hele Amerikaanse politieke klasse is verstoken van een gemeenschappelijk, praktisch besef en een nationale doel. Ze worden ondergedompeld in troglodiete debatten over "onbegrensde arrestaties” en “massale immigratie- uitzettingen". Erger nog, ze staan allemaal op de loonlijsten van private ondernemingen die in de VS verkopen en in China investeren.

Waarom zou Obama dure oorlogen afzweren in de onrendabele periferie en vervolgens dezelfde militaire metafysica promoten in het dynamische centrum van het wereldeconomisch universum? Geloven Barack Obama en zijn adviseurs dat hij de Tweede Komst is van Admiraal Commorode Perry, wiens 19e-eeuwse oorlogsschepen en blokkades Azië open dwong voor westerse handel? Gelooft hij dat militaire allianties de eerste fase zijn in een daaropvolgende periode van bevoorrechte economische intrede?

Gelooft Obama dat zijn regime China kan blokkeren, zoals Washington met Japan deed in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog? Het is te laat. China staat te centraal in de wereldeconomie, is zelfs te belangrijk voor de financiering van de Amerikaanse schuld, is te verbonden met de Forbes Vijfhonderd multinationale ondernemingen. Om China te provoceren, om zelfs maar te fantaseren over economische "uitsluiting" om China onderuit te halen, is een beleid volgen dat volledig de wereldeconomie zal verstoren, en in de allereerste plaats de Amerikaanse economie.

Conclusie

Obama zijn “idioot realisme”, zijn verschuiving van oorlogen in de islamitische wereld naar militaire confrontatie in Azië, heeft geen intrinsieke waarde en geeft buitengewone extrinsieke kosten. De militaire methoden en economische doelstellingen zijn, zoals ze momenteel zijn samengesteld, totaal onverenigbaar en boven de capaciteit van de VS. Het beleid van Washington zal Rusland of China niet “verzwakken” en hen zelfs nog minder intimideren. In plaats daarvan zal het hen aanmoedigen om meer hoor en wederhoor-standpunten in te nemen waardoor het minder waarschijnlijk wordt dat ze een handje toesteken bij Obama’s sequentiële oorlogen in opdracht van Israël. Rusland heeft al oorlogsschepen verstuurd naar zijn Syrische haven, weigerde een wapenembargo tegen Syrië en Iran te ondersteunen en uitte (achteraf) kritiek op de NAVO-oorlog tegen Libië. China en Rusland hebben veel te veel strategische banden met de wereldeconomie om enige grote verliezen te lijden als gevolg van een reeks Amerikaanse militaire buitenposten en “exclusieve” allianties. Rusland kan net zoveel dodelijke nucleaire raketten op het Westen richten als de VS vanaf hun basissen in Oost-Europa.

Met andere woorden, de militaire escalatie van Obama verandert niets aan het nucleaire machtsevenwicht, maar zal Rusland en China naar een nauwer en dieper samenwerkingsakkoord brengen. Voorbij zijn de dagen van de “verdeel en heers”-strategie van Kissinger-Nixon met het uitgraven van VS-Chinese handelsovereenkomsten tegen Russische wapens. Washington heeft een totaal overdreven betekenis van de huidige maritieme disputen tussen China en zijn buren. Wat hen in economische termen verenigt is veel belangrijker op middellange en lange termijn. De Aziatische economische banden van China zullen alle onbeduidende militaire banden met de VS uitslijten.

Het "idiote realisme" van Obama ziet de wereldmarkt door militaire ogen. Militaire arrogantie in de richting van Azië heeft geleid tot een breuk met Pakistan, het meest verenigbare klant-regime in Zuid-Azië. De NAVO slachtte opzettelijk 24 Pakistaanse soldaten af en wees in de richting van de Pakistaanse generaals, terwijl China en Rusland de aanval veroordeelde en aan invloed wonnen.

Op het einde zal de militaire en uitsluitende houding naar China toe falen. Washington zal zijn kracht overschatten en zijn voormalige handelsgeoriënteerde partners in Azië, die enkel willen pronken met een Amerikaanse militaire aanwezigheid om tactisch economisch voordeel te behalen, afschrikken. Ze willen zeker geen nieuwe Amerikaans opgehitste “koude oorlog” die de dynamische intra-Aziatische handel en investeringen verdeelt en verzwakt. Obama en zijn trawanten zullen snel leren dat de huidige Aziatische leiders geen permanente bondgenoten hebben, alleen permanente belangen. In de uiteindelijke analyse prijkt China prominent in de configuratie van een nieuwe centrale Aziatische wereldeconomie. Washington kan misschien aanspraak maken op een “permanente aanwezigheid in de Stille Oceaan”, maar totdat het laat zien dat het kan zorgen voor zijn “fundamentele aangelegenheden thuis”, zoals het regelen van haar eigen financiën en het op evenwicht brengen van haar huidige rekeningstekorten, zou het Amerikaanse Marinecommando uiteindelijk kunnen eindigen in het verhuren van zijn marinefaciliteiten aan Aziatische exporteurs en verschepers, goederen voor hen te verhuren, en hen te beschermen door piraten, contra-bandieten en narcotica-smokkelaars na te jagen.

Nu ik erover nadenk, kan Obama het Amerikaanse handelstekort met Azië verminderen door de Zevende Vloot te verhuren om door de zeekanalen te patrouilleren, in plaats van het verspillen van Amerikaans belastingsbetalersgeld door het pesten van sucsesvolle Aziatische economische machten.

 

Bron : Global Research,  Prof James Petras 
10 december 2011 : http://globalresearch.ca/index.php?context=va&aid=28144

Vertaald door ’t Vertalerscollectief.