Obama en de corrupte oorlog in Afghanistan

 

De verkiezing van Barack Obama in 2008 zou voor verandering in het politieke debat zorgen in een land dat het hard nodig had om een nieuwe richting in te slaan. Binnen een jaar heeft Obama niet alleen beslissende stappen genomen om de Bush oorlog in Afghanistan voort te zetten, maar ook om de oorlog in Pakistan aanzienlijk aan te wakkeren. Dit is niet het soort verandering waarop de Obama kiezers hoopten.

 

De situatie is vergelijkbaar met de teleurstelling die men ten tijde van Jimmy Carter ervoer: Carter werd gekozen in 1976 met de belofte de defensiebegroting te verlagen, maar het tegenovergestelde gebeurde. Tegen de tijd dat SALT-II ondertekend werd in 1979 had Carter ingestemd met een aanzienlijke verruimde defensiebegroting.

 

De complexe strategie van het omkeren van beloften werd nieuw leven ingeblazen in de jaren negentig door Donald Rumsfeld. Zo werd de weg gebaand voor de neo conservatieve overwinning van George W. Bush.

 

De oorlog in Vietnam een sjabloon voor Afghanistan?

 

Het doel van de Amerikaanse oorlogsmachine was de afgelopen dertig jaar steeds dezelfde: de vernedering van de nederlaag in Vietnam goed te maken. Het is verontrustend dat de VS de laatste acht jaar betrokken is bij een bijna exacte politieke en militaire kopie van de Vietnam oorlog. 

 

In de woorden van Jeffrey Record:

 

"De fundamentele belemmering voor een succes in Vietnam was het politiek onwettelijke karakter van het regime in Zuid Vietnam." Vervang de woorden "Zuid Vietnam" met het woord "Afghanistan" en de beschrijving geldt voor de huidige regering in Kaboel. Net als Afghanistan, was Zuid Vietnam op nationaal niveau beschadigd door zelfzuchtige krijgsheren, velen betrokken bij de winstgevende opiumhandel.

 

Een belangrijke troef van de CIA in Afghanistan was Ahmed Wali Karzai, broer van President Hamid Karzai; Ahmed Wali Karzai is een drugshandelaar die zijn persoonlijke macht heeft gebruikt om vervalste verkiezingenuitslagen te regelen. Dit is een tamelijk nauwkeurige omschrijving van de broer van de President ten tijde van de Vietnamoorlog, tevens organisator van de Vietnamese drugshandel.

 

Dit patroon van corruptie en betrokkenheid bij de drugshandel is een terugkerend patroon waar regimes door de VS geïnstalleerd of ondersteund worden. Er zijn soortgelijke beschuldigingen te horen geweest ten tijde van de inauguraties van Chiang Kai-shek, de Mexicaanse president Echevarría en de Iraanse Shah.

 

In tegenstelling tot de officiële berichten over het Afghaanse Nationale leger (ANA) is de Tadzjiekse minderheid in Afghanistan vanaf de start in 2002 ruim vertegenwoordigd, terwijl de Pashtuns, de grootste etnische groep, achterblijven.....De  Tadzjiekse overheersing zorgt voor wrok in de Pashtun gemeenschap.

 

De VS begaat wederom een grote strategische fout. Eerst in Vietnam en nu weer in Afghanistan: de VS wil een land een centrale overheid opdringen dat altijd sociaal en cultureel divers was. Johnson en Mason illustreren dit probleem in Vietnam met een citaat van Eric Bergerud:

 

Het grootste deel van de bevolking in Vietnam, de mensen van het platteland, erkenden de regering van Vietnam (GVN) niet ….zij zagen de GVN als corrupt en inefficiënt... de kleine groep stedelijke elite had alle macht in handen. De houding van de heersende elite ten opzichte van de plattelands bevolking was, in het gunstigste geval paternalistisch en in het ergste geval, roofzuchtig.

 

Thomas Johnson betreurt het dat de VS Kaboel de macht wil opleggen over een nog veelzijdiger land dat Afghanistan is. Hij schreef: de karakterisering van Afghanistan door de negentiende eeuw Britse diplomaat Sir Henry Rawlinson was als volgt: een  verzameling stammen, met ongelijke machtbasis en uiteenlopende gewoonten, die het min of meer samen kunnen vinden wanneer de bazen van de stammen elkaar mogen. Het gevoel van patriottisme, zoals in dat in Europa bestaat, is er niet tussen Afghanen, er is geen gemeenschappelijk land. Dit gegeven moet een kritische noot zijn voor een realistische wederopbouw van Afghanistan en de toekomstige politieke agenda.

 

Sinds 2002 is de Amerikaanse strategie in Afghanistan dezelfde als die in Vietnam. In Vietnam werd het "zoeken en vernietigen van missies" (search and destroy missions) genoemd; in Afghanistan noemen zij het "schoonmaak acties” (clearing operations) , maar het doel is hetzelfde — wapens zoeken die makkelijk te vervangen zijn, of een klein stuk waardeloos terrein veroveren, en vervolgens overgeven aan inheemse veiligheidstroepen die het niet kunnen behouden en daarna ergens anders opnieuw beginnen…. Generaal McChrystal is de eerste Amerikaanse commandant die sinds het begin van de oorlog begreep dat de bescherming van mensen niet hetzelfde is als het achterna zitten van tiener jongens op het platteland.

 

Waarnemer Rory Stewart is net zo pessimistisch over de nieuwe antioproer strategie volgens welke 600,000 manschappen nodig zijn.

 

De ingrediënten die nodig zijn voor een succesvolle campagne zij o.a. de krachtige steun van de etnische meerderheid en een geloofwaardige lokale regering – deze ontbreken beide in Afghanistan.

 

Wanneer het platteland van Afghanistan in evenwicht is, wordt de driehoek van macht gevormd door de stamoudsten, de mullahs, en de regering…. In tijden van vrede zijn de stamoudsten verreweg het belangrijkst. Daarna komen de mullahs en traditioneel gezien is de centrale regering van weinig of geen belang. Na dertig jaar islamisering van de Pashtun, begonnen met Generaal Zia in Pakistan en versneld door de Russische -Afghaanse oorlog, is de religieuze macht het belangrijkste geworden.

 

Sinds 1980 zijn de milities die in drugs handelen een steeds belangrijker onderdeel in de machtsbalans geworden. Een van de belangrijkste machthebbers is nu de drugshandelaar Gulbuddin Hekmatyar, een Ghilzai Pashtun uit het noorden. Hekmatyar lijkt veel op Van Quang ten tijde van de Vietnam Oorlog.

 

Hoe eerder wij erkennen dat drugs een belangrijke factor zijn in de economie en de machtsstructuur van Afghanistan hoe beter. Wat dat aangaat is eigenlijk de oorlog in Laos een beter sjabloon voor de oorlog in Afghanistan. Tijdens de oorlog in Vietnam waren drugs belangrijk, maar stonden niet centraal. In Laos werd de illegale oorlog gefinancierd door het drugsgeld van de CIA.

 

De oorlog in Laos een sjabloon voor Afghanistan?

                                                       

Vietnam was in wezen een staat met één taal en een enkel, door de Fransen opgelegd, rechtssysteem. Laos daarentegen was weinig meer dan een willekeurige verzameling van ongeveer 100 stammen met verschillende talen en gewoonten. Geconfronteerd met een hardnekkig bergachtig terrein, hadden de Fransen weinig energie besteed aan de oprichting van een centrale regering in Laos. Er kwam een hoofdstad voor het noorden en een hoofdstad voor het zuidelijke deel van Laos. Er vochten twee legers tegen elkaar, het pro-Franse Laotische leger en Pathet Lao.

 

Toen Laos in 1954 onafhankelijkheid kreeg was het een quasi staat met twee legers, een verzameling stammen met verschillende talen en gewoonten en willekeurige grenzen die getrokken waren voor het gemak van de westerlingen. Dit alles had relatief stabiel kunnen blijven, als de Amerikanen niet waren gekomen met het naïeve begrip "natie opbouw". Het misplaatste streven naar een sterke centrale overheid zorgde voor corruptie en een burgeroorlog.

 

Een CIA beambte vertelde aan Time Magazine in 1961 dat de CIA wilde polariseren tussen de communistische en anticommunistische partijen in Laos. Als dat werkelijk de doelstelling was van de CIA, dan slaagden zij daar bijzonder goed in. Het conflict zorgde dat de VS meer dan twee miljoen ton bommen losliet boven Laos, meer dan in Europa en de Stille Oceaan tijdens de hele Tweede Wereldoorlog.

 

Deze absurde en criminele betrokkenheid van de VS zorgde er uiteindelijk voor dat een uiterst vreedzame boeddhistische natie eindigde als een van de laatste resterende communistische landen in de wereld. Amerikaanse bondgenoten in deze oorlog, de Hmong (een minderheid) uit Laos,  "probeerden later om hun eigen weg te gaan, weg van de oorlog – ook al was het gewoon door neutraal te blijven en te weigeren hun 13-jarigen naar het CIA leger te sturen – werd onmiddellijk de Amerikaanse rijst en vervoer ontzegd, en uiteindelijk werden ook zij door de Amerikaanse Luchtmacht gebombardeerd.

 

Niemand heeft ooit beweerd dat in Laos, in tegenstelling tot Vietnam, "het systeem werkte" of dat de Verenigde Staten zouden hebben kunnen zegevieren wanneer de besluitvorming op burgerniveau in orde was geweest. Van meet af aan was de oorlog in Laos een humanitaire ramp, zelfs een oorlogsmisdaad. Alleen de internationale drugshandelaren – Corsicaanse, Chinese of Amerikaanse - hebben ervan geprofiteerd.

 

Toen de CIA Phoumi Nosavan ondersteuning bood in 1959, zei Nosavan opiumhandel "als een alternatieve bron van inkomsten voor zijn [Laotiaanse] leger en regering in te gaan zetten….” .  Dat besluit heeft er uiteindelijk toe geleid dat Noord Laos een van de grootste heroïne producerende gebieden in de wereld werd in de late jaren zestig. In de jaren zeventig was de opiumproductie uit Laos goed voor een geschatte 200 ton. Toen de VS vertrok uit Laos daalde de heroïne productie direct naar 30 ton.

 

Afghanistan in de jaren tachtig

 

Het is moeilijk te bewijzen dat de CIA, bij de start van het militair conflict in Laos in 1959, voorzag dat de opiumproductie in Laos enorm zou stijgen. Maar twee decennia later weerhield deze ervaring Brzezinski, adviseur van Nationale Veiligheid ten tijde van Carter, niet, om contact te gaan zoeken met drugshandelaren in Afghanistan in 1978.

 

Het is duidelijk dat men deze keer anticipeerde op de gevolgen. Witte Huis adviseur David Musto zei in 1980 tegen de White House Strategy Council dat "wij naar Afghanistan gaan ter ondersteuning van de opiumtelers…. Is het niet beter om het Laos scenario te voorkomen?”. Hij waarschuwde in een krantenartikel.

 

De CIA probeerde in eerste instantie het regime van Afghaanse president Mohammed Daoud Khan meer naar rechts te sturen. Khan wilde namelijk goede betrekkingen hebben met zowel de Sovjet-Unie als het Westen. In 1978 overwonnen na een confrontatie de linkse partijen. Er vond een staatsgreep plaats en Daoud werd gedood; een extreem en onpopulair links regime werd geïnstalleerd. In 1980 trad de Sovjet-Unie op en stelde een meer gematigde regering aan.

 

In mei 1979 werd de CIA in contact gebracht met Gulbuddin Hekmatyar, de krijgsheer en de belangrijkste drugshandelaar van Afghanistan. Hekmatyar was berucht voor het gooien van zuur in het gezicht van vrouwen die geen boerka’s droegen. Hekmatyar was niet de keuze van het Afghaanse verzet, maar de keuze van de Pakistaanse geheime dienst ISI, misschien omdat alleen Hekmatyar de Durand grenslijn wilde accepteren als grens tussen Afghanistan en Pakistan. Zoals een Afghaanse leider in 1994 aan Tim Weiner van de New York Times zei: "Wij hebben deze leider niet gekozen. De Verenigde Staten heeft dat gedaan door aan Hekmatyar wapens te leveren. Nu willen wij dat de Verenigde Staten deze leider afschudt en het moorden laat stoppen ". Robert D. Kaplan gerapporteerde dat Hekmatyar door alle andere partijleiders werd verafschuwd.

 

Uit het besluit van het ISI en CIA blijkt dat het de Amerikanen niet te doen was om de  Afghaanse bevrijdingsbeweging te steunen.  Door de steun van de Verenigde Staten aan Gulbuddin Hekmatyar, werd hij spoedig "een van de grootste drugsheren in Afghanistan." Brzezinski zocht ook contact met de Pakistaanse Fazle ul-Haq, een man die in 1982 door Interpol als internationale drugshandelaar werd bestempeld.

 

De gevolgen waren snel merkbaar in de Verenigde Staten, heroïne uit Afghanistan bedroeg  in 1980 al snel 60 procent van de Amerikaanse markt. Voor het eerst waren er 650.000 verslaafden in Pakistan zelf. Getuigen bevestigen dat de drugs uit Afghanistan op de dezelfde Pakistaanse leger vrachtwagens werden geladen die eerst militaire hulpmiddelen uit Amerika gebracht hadden.

 

Ondertussen lijkt CIA-directeur William Casey een plan uitgevoerd te hebben dat hem in 1980 was voorgesteld door de voormalige baas van de Franse geheime dienst Alexandre de Marenches: leveren van drugs aan de Sovjet troepen. ‘Project Mosquito’, ging van start en heroïne, hasj, en zelfs cocaïne uit Latijns-Amerika bereikte Sovjet troepen. Ook Mathea Falco bevestigd dat de CIA en ISI samen de mujahedin aangemoedigd hebben de Sovjet troepen verslaafd te maken.

 

Amerika weer  in Afghanistan in 2001

 

Amerika besloot in 2001 opnieuw om met de hulp van de drugshandelaren, een quasi Afghaanse staat te stichten. Afghanistan, dat bestond uit tenminste tien grote bevolkingsgroepen, die verschillende talen spraken, moest een centrale regering krijgen. In Laos gebruikten de Amerikanen daarvoor de minderheidsgroepering Hmong, in de Afghaanse campagne in 2001 gebruikten zij de Noordelijke Alliantie. De CIA koos in 2000 Ahmed Shah Massoud van de Noordelijke Alliantie als bondgenoot, ondanks het bezwaar van nationale veiligheid adviseurs die Massoud als drugshandelaar bestempelden.  

 

Er is geen onduidelijkheid over de bedoeling drugshandelaren te gebruiken om een voet aan de grond te krijgen in Afghanistan. De CIA werfde zelfs Haji Zaman, gepensioneerde drugshandelaar die inmiddels in Frankrijk woonde, met wie "Britse en Amerikaanse agenten praatten…hem overhaalden om terug te keren naar Afghanistan …. ".

 

In Afghanistan is anno nu door de toename van de chaos op het platteland en het aantal vliegtuigen die het land in en uit vliegen, de opiumhandel meer dan verdubbeld, van 3276 ton in 2000 naar 8200 ton in 2007.

 

Overtuigd door de analyse van auteurs zoals Michel Chossudovsky en James Petras, weet ik nu dat de banken profiteren van de drugshandel. Een verslag van de Senaat vermeldt  "dat ieder jaar wereldwijd banken 500 miljard dollar tot 1 triljoen dollar opbrengst witwassen". De Londen Independent meldde in 2004 dat drugshandel "het derde grootste product is na de olie- en de wapenhandel". Petras concludeert dat de economie van de VS een narco-kapitalistische is geworden, afhankelijk van het vuile of zwarte geld, dat voor een groot deel uit de drugshandel komt.

 

Washington en de massamedia hebben een beeld geschetst van de Verenigde Staten als een land dat een positie heeft in de voorhoede van de strijd tegen drugsmokkel, het witwassen en politieke corruptie: witte handen die het zwarte geld uit de derde wereld of de ex-communistische landen bestrijden. De waarheid is precies andersom. De Staat en de banken hebben noch de wil noch het belang om een einde te willen maken aan de die praktijken die hoge winsten bieden.

 

Antonio Maria Costa, hoofd van het VN bureau van Drugs en Criminaliteit, meent dat "drugsgelden ter waarde van vele miljarden dollars het financiële systeem drijvende hield ten tijde van de wereldwijde crisis in 2008”.

 

De oorlogsmachine en de door drugs gecorrumpeerde Afghaanse oorlog

 

Dus de oorlogsmachine is stevig geaard en ondersteund door een brede coalitie van krachten in onze samenleving. Om die reden zal de oorlogsmachine niet op een lager pitje gaan draaien, zoals de RAND Corporatie aanbeveelt: het gebruik van Amerikaans militair geweld minimaliseren. In de meeste acties tegen al Qaeda lokale militaire troepen gebruiken die een beter begrip van de omgeving hebben dan de Amerikaanse krachten. De aanwezigheid van buitenlandse troepen is het belangrijkste element voor de heropleving van de Taliban. Het Pentagon heeft de "strijd tegen het terrorisme" in Afghanistan hard nodig, net zoals tien jaar geleden de "oorlog tegen drugs" in Colombia. 

 

De oorlog is ook nodig voor Amerikaanse ondernemingen met belangen in het buitenland, maatschappijen zoals Exxon Mobil in Kazachstan en elders in Centraal-Azië. Zoals Michael Klare in zijn boek Resource Wars duidelijk maakt, een secundaire doelstelling van de VS in Afghanistan was " de macht in de Perzische Golf en de Kaspische Zee te consolideren en de oliestroom te garanderen ".

 

Obama’s nieuwste plannen om meer troepen te sturen

 

Rory Stewart voert aan dat het tijd is dat Amerika gaat afzien van zijn illusie van dominantie in de wereld en meer bescheiden doelstellingen moet vaststellen: het beste Afghaanse beleid zou zijn om het aantal buitenlandse troepen te verminderen van 90.000 naar 20.000. In dat geval zouden twee verschillende doelstellingen overeind blijven voor de Internationale Gemeenschap: ontwikkelingswerk en terrorismebestrijding. Amerika moet volgens Stewart geen controle meer hebben over Afghanistan. In de toekomst kan Afghanistan meer gewelddadig worden, of een gedecentraliseerd evenwicht zoeken of een nieuwe nationale eenheid, maar dat is aan Afghanistan en niet aan Amerika.

 

Obama zei in zijn speech dat het doel niet langer was de Taliban te verslaan, maar hen de mogelijkheid te ontnemen om de regering omver te werpen. Hij had het niet over al Qaeda elimineren, maar over de druk op al-Qaeda te handhaven.

 

Andrew Bacevich is van mening dat een oorlog geen voorspelbaar instrument is dat kan worden ontworpen door mensen die in de kantoren van Washington D.C. zitten. De geschiedenis van de oorlog in Vietnam leert ons dat. Hij denkt dat Obama de beslissing van escalatie in Afghanistan genomen heeft om dezelfde reden waarom Lyndon Johnson de beslissing nam om door te gaan in Vietnam. Het toegeven van gemaakte fouten in Vietnam zou drastische gevolgen hebben gehad voor de geloofwaardigheid van de Verenigde Staten in het algemeen en Lyndons capaciteit om het land te leiden in het bijzonder. Historisch gezien is de standaard strategie voor oorlogen die geen plausibel overwinningseinde kunnen halen de tegenstander proberen af te troeven door hen uit te putten. 

 

De tijd zal het leren of Obama met succes de toekomstige vraag om meer troepen zal weerstaan, zoals Stewart hoopt, of een Afghaanse strategie kiest die om meer troepen vraagt.

 

Drugs - een gevolg van de oorlog in Afghanistan

 

De wereldwijde drugshandel blijft profiteren van het langdurige conflict in Afghanistan, en een aantal van de begunstigden lobbyen hier voor, ben ik bang. Amerika’s superbanken zoals Citibank – de bank die zogenaamd "te groot was om om te vallen" – en andere banken zijn nu zelfs meer afhankelijk dan vóór de recessie van de miljarden dollars illegale winsten die zij elk jaar witwassen.

 

In Afghanistan is heroïne verreweg het belangrijkste exportproduct, en zo belangrijk dat men het in het begin niet heeft gewaagd de productie van opium te verbieden. Volgens Australisch journalist Michael Ware, correspondent in Kandahar, is opium nog steeds de belangrijkste bron van de Afghaanse economie, alsmede de belangrijkste steun voor zowel de regering van Karzai als de oppositie.

 

Met een vaste vooringenomenheid blijven de Amerikaanse kranten rapporteren over het opiumprobleem als een aangelegenheid van de Taliban. In The New York Times van 27 november 2008 staat te lezen dat "Afghanistan zoveel opium heeft geproduceerd dat de Taliban voorraden van ruwe opium aanlegt om de prijzen te manipuleren en een geldbron voor de toekomst te hebben”, zegt Antonio Maria Costa, de uitvoerend directeur van de Verenigde Naties voor Drugs en Criminaliteit (UNODC). In werkelijkheid profiteren veel meer deelnemers van de drughandel. De statistieken van de UNODC jaarverslagen schatten dat de gerapporteerde Taliban opbrengsten uit de opiumhandel  (€ 75-100 miljoen) 3 procent is van de totale inkomsten die in Afghanistan met drugs verdiend worden.

 

Het grootste deel van de drugswinsten gaat naar de centrale regering van Kaboel, de VS valt alleen de drugshandelaren van de Taliban lastig. Deze strategie heeft het effect dat het marktaandeel in de opiumhandel groter wordt. De vroegere en huidige helpers van de CIA in het Karzai regime (onder leiding van Hamid Karzai, een voormalige CIA bondgenoot) zoals de broer van de President Ahmed Wali Karzai en Abdul Rashid Dostum, een voormalige CIA agent, profiteren hiervan.

 

Het doel van alle Amerikaanse anti drugscampagnes was nooit uitroeiing. Het doel van dergelijke campagnes was het marktaandeel te wijzigen: gericht op specifieke vijanden en zorgend dat de drugshandel onder controle bleef van die handelaars die bondgenoten waren van het veiligheidsapparaat en/of de CIA. Dit gold met name in de jaren zestig in Laos, toen de CIA militaire luchtondersteuning gaf aan het Ouan Rattikone leger, in een opiumstrijd in Laos.

 

Gevolgen voor Amerika van een oorlog die door drugshandel gecorrumpeerd is

 

Het tolereren van drugshandel heeft geleid tot een andere overeenkomst met Vietnam en Laos in de jaren zestig: de toenemende verslaving van de Amerikaanse GI’s aan heroïne.

Het is niet moeilijk een soldaat te vinden die is teruggekeerd van Operation Enduring Freedom met een verslaving. Iedereen was op de hoogte van de beschikbaarheid van heroïne op zijn basis, en de meesten wisten ten minste één soldaat die heroïne gebruikte en distribueerde.

 

Net als tijdens de Vietnam oorlog, wordt de heroïne verzonden naar de Verenigde Staten in lijkkisten van het leger. Mahmut Gareev, een voormalige commandant uit de  Sovjet-Unie zegt dat de Amerikanen zelf toegegeven hebben dat drugs vaak vervoerd worden via Amerikaanse vliegtuigen. De drugshandel uit Afghanistan brengt ze ongeveer 50 miljard dollar per jaar op – dit dekt de kosten van hun troepen in Afghanistan volledig. Ze zullen dus de productie en handel in drugs niet verstoren.

 

De Pakistaanse generaal Hamid Gul, een voormalig bevelhebber van ISI zei hetzelfde:

 "Abdul Wali Karzai is de grootste drugsbaron van Afghanistan," zei hij ronduit. Hij voegde er aan toe dat hij ook betrokken was en is in de wapenhandel, dat 'een bloeiende handel'  is in Afghanistan. Het meest verontrustende voor hem was dat er Amerikaanse militaire vliegtuigen voor werden gebruikt. Sommige routes gaan over land via Azië naar Rusland en Europa. Maar de aanvoer naar Amerika was altijd direct en gaat via de militaire vliegtuigen.

 

De volgende getuigenis is van generaal Khodaidad, de huidige Afghaanse minister tegen de  verdovende middelen: “Buitenlandse troepen verdienen geld aan de productie van drugs in Afghanistan. De meerderheid van de drugs zijn opgeslagen in twee provincies die gecontroleerd worden door de troepen uit de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Canada. De NAVO legt belasting op aan zijn krachten voor de productie van opium in de regio’s die zij onder controle hebben.  

 

Bovenstaande beschuldigingen zijn plausibel, vanwege de ervaringen uit onze geschiedenis. In Vietnam en Laos hebben de Verenigde Staten in de eerste instantie net als in Afghanistan met drugshandelaars contact gelegd en bondgenootschappen gesloten, zowel in 1980 en in 2001.

 

Er zou een officieel onderzoek van het Congres moeten komen of de ware reden voor een oorlog in Afghanistan niet de Afghaanse activa was, zoals eerder in Birma, Laos en Vietnam.

 

De impasse waar de Verenigde Staten in geraakt is, met ondersteuning aan een onpopulair en corrupte regime, moet worden opgevat in het licht van de betrokkenheid met de drugshandel – een patroon dat het meest lijkt op de betrokkenheid van de VS ten tijde van de oorlog in Laos. Het is dit voortdurende patroon van interventie in drugseconomieën en steun aan drugshandelaren, dat mensen als u en ik, die hoopten dat Obama in dit opzicht voor verandering zou zorgen, erg depressief kan maken.  

   

De vraag blijft: hoeveel Amerikanen, Afghanen, en Pakistani moeten sterven, voordat we de door drugs gecorrumpeerde oorlog in Afghanistan kunnen stoppen?

 

 

 

 

Auteur: © Peter Dale Scott, Global Research, 2010

 

 

Met dank aan: Global Research

 

 

Dit artikel is een vertaalde samenvatting van fragmenten uit Peter Dale Scott’s komende boek, The Road to Afghanistan: de Amerikaanse oorlog machine en de wereldwijde connectie met drugs. Zie ook zijn website .

 

Peter Dale Scott (1929, Montreal) is een voormalig Canadees diplomaat en professor Engels aan de universiteit van California, Berkeley, hij is dichter, schrijver en onderzoeker.

 

 

Vertaald en samengevat door: ‘t Vertalerscollectief

 

 

 

 

 





©2007 www.wijwordenwakker.org