Het IMF na Dominique Strauss-Kahn

 

De arrestatie van Dominique Strauss-Kahn kwam op een cruciaal moment voor het Internationaal Monetair Fonds. Het IMF was bezig de voorwaarden voor een lening aan Griekenland te herzien. 



Nu DSK niet langer aan het hoofd van het IMF staat, is het een goed moment objectief te kijken naar zijn erfenis in het fonds. Wat staat er op zijn conto? Dominique werd gezien als een directeur die de cultuur binnen het IMF positief zou hebben veranderd en die ervoor zou hebben gezorgd dat de invloed van het IMF wereldwijd is toegenomen. 

Strauss-Kahn nam in november 2007 het roer over van zijn voorganger Rodrigo de Rato y Figaredo. Het IMF had op dat moment 10 miljard dollars aan leningen uitstaan. Vier jaar daarvoor was dat nog een bedrag van 91 miljard dollars. Toen DSK vorige week zijn ontslag nam had het IMF 84 miljard dollars uitgeleend, terwijl leningen waren beloofd tot een bedrag van drie maal die grootte. Het IMF heeft nu 1 triljoen dollars in kas, vier maal zoveel als in 2007. Het is duidelijk dat het IMF tijdens de financiële crisis en economische recessie van 2008 tot 2009 goed heeft geboerd. 

Het IMF werkt al jaren als een soort van crediteurkartel, dat regeringen van ontwikkelingslanden bepaald economisch beleid oplegde. Als een ontwikkelingsland niet voldeed aan de voorwaarden van het IMF, dan kon het land niet alleen geen geld lenen van het IMF, het kon ook geen geld lenen bij diens grotere broer: de Wereld Bank, of andere particuliere organisaties en banken.  

Dit heeft het fonds tot het meest invloedrijke instituut gemaakt in landen met lage en middelhoge inkomens, van Rwanda tot Rusland. Het IMF werd hiermee ook de belangrijkste hervormer van de wereldeconomie vanaf de jaren 70 van de vorige eeuw. De economische hervormingen zorgden ervoor dat tegelijkertijd de economische groei van de meeste van deze landen werd belemmerd. Een gevolg was de stagnatie van sociale indicators zoals levensverwachting, zuigeling- en kindersterfte.     

De grote terugkeer van het IMF tijdens de wereldrecessie heeft de landen met lage en middelhoge inkomens niet doen terugkeren naar het fonds. Het merendeel van de landen in Azië en Latijns Amerika bleven weg, ze putten liever uit hun eigen reserves. Zelfs een land met een laag inkomen als bijvoorbeeld Bolivia, kon een toename van sociale uitgeven realiseren en de pensioenleeftijd verlagen van 65 naar 58 jaar. Dingen die Bolivia nooit zou hebben kunnen bereiken toen het nog leefde onder voorwaarden van het IMF. Het merendeel (57%) van de nieuwe leningen zijn aan landen in Europa verstrekt. 

Het IMF heeft weinig veranderd aan de voorwaarden die het stelt bij het zakendoen. 31 van de 41 afspraken die het IMF heeft gemaakt tijdens de recessie zijn monetaire of fiscale afspraken, die de groei van de economie van het land dat de lening krijgt verder zouden belemmeren. De voorwaarden die het IMF heeft verbonden aan leningen aan Griekenland, Ierland en Portugal zorgen ervoor dat deze landen niet uit de recessie kunnen raken. In Letland zorgde het IMF ervoor dat een recessie à la Argentinië plaatsvond. Het IMF lijkt landen alleen dieper in de schulden te helpen. 

Om eerlijk te zijn moeten we hier ook positieve invloeden vermelden die tijdens het bewind van DSK zijn doorgevoerd. Voor de eerste maal in de geschiedenis zijn tijdens de jaren van recessie in 2009 uit de reserves door het IMF 283 miljard dollars ter beschikking gesteld aan alle lidstaten, zonder voorwaarden!

De grootste veranderingen vonden plaats in de researchafdeling, er was ruimte voor tolerante debatten.  

Het ziet ernaar uit dat het IMF in Europa zijn traditionele rol speelt van het laten “doodbloeden” van de patiënt. Het beleid werd natuurlijk niet alleen bepaald door DSK. Het fonds wordt geleid door meerdere bestuurders en een meerderheid daarvan komt uit de wereld van het ministerie van financiën in Amerika en Goldman Sachs. Tweede viool spelen de machten in Europa.    

We kunnen alleen veranderingen verwachten wanneer de manier waarop besluiten worden genomen wijzigen. In het geval van Griekenland was Strauss-Kahn zich bewust van het feit dat de belastingverhoging die werd geëist door Europa en het IMF zouden zorgen dat Griekenland nooit uit de recessie zou raken. DSK was bezig met nieuwe onderhandelingen, dacht aan voor mildere voorwaarden, hij wilde “strafmaatregelen” ombuigen naar “echte hulp”. Maar de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank hadden in deze de touwtjes in handen, ook krachten het IMF wilden niet meewerken met DSK.

De ontwikkelingslanden hebben binnen het IMF 44,7% van de stemmen, de G7-landen hebben 41,2 %. De manier van stemmen is echter niet het grootste obstakel binnen het IMF. Op dit moment gebruiken de ontwikkelingslanden en we kunnen ook de landen in Europa die slachtoffer zijn geworden hiertoe rekenen, niet hun potentie. Ze stemmen gewoon mee met de landen van de G7. Als de ontwikkelingslanden samen een blok vormen tegenover de G7 zouden er werkelijke veranderingen kunnen optreden.

Dit was het geval in de Wereld Handels Organisatie, waar ontwikkelingslanden de consensus  van de G7 bevochten. Ze blokten met succes de uitvoering van regels die hen zouden benadelen. De rol die de vertegenwoordigers van de ontwikkelingslanden speelden was dus cruciaal. 

Er gaan veel stembetuigingen op voor Christine Lagarde als opvolger voor IMF topman Dominique Strauss-Kahn. Dit kan een oppervlakkige verandering lijken. Echte wijzigingen binnen het IMF kunnen worden gerealiseerd wanneer de regeringen van de landen in de wereld daarvoor kiezen, wanneer ze daarvoor het lef zouden hebben. 



Door Mark Weisbrot , Global Research, 22 mei 2011
Bron: http://globalresearch.ca/index.php?context=va&aid=24909

Vertaald door ‘t Vertalerscollectief






 





©2007 www.wijwordenwakker.org