Wereldbank investeert in privatisering van watervoorziening in Oost-Europa



Waterprivatisering projecten mislukken op massieve schaal en wereldwijd, maar de Wereldbank investeert hierin opnieuw 100 miljoen euro.

2 november 2010,

Er zijn miljarden dollars verspild in Latijns-Amerika, Noord Amerika, Zuidoost Azië en Afrika. Multinationals profiteren van openbare watervoorzieningen met de invoering van  privatisering van de watervoorziening. Zeg dit niet tegen de Wereldbank. De ‘International Finance Corporation’ (IFC), het onderdeel van de Wereldbank dat investeert in bedrijven die zaken doen met ontwikkelingslanden, heeft vorige maand 100 miljoen euro in Veolia Voda geïnvesteerd. Veolia Voda is de grootste corporatie in de wereld op het gebied van privatisering van de watervoorziening. Nieuwste doel van Veolia is de privatisering van het water in Oost-Europa. 

“Het ondernemingsplan van Veolia is gebaseerd op het maximaliseren van winst, niet op investeringen op lange termijn. Veolia maakt daar geen geheim van”, zegt Joby Gelbspan, senior programmacoördinator voor Corporate Accountability International (CAI). Het CAI is een onafhankelijke groepering voor consumentenrechten. 

De internationale waterbedrijven hebben toegegeven, dat ze niet van plan zijn de infrastructuur te verbeteren. Dat is waarom de investering voor Oost-Europa, die heeft plaatsgevonden in de zomer van 2010, zo alarmerend is. Het is een bewijs dat de Wereldbank zich committeert aan privatisering van watervoorzieningen. Deze benaderingswijze biedt geen oplossing voor de wereldwijde watercrisis en dat is in de praktijk vaak bewezen. 

Veolia zou moeten kijken naar Frankrijk, waar de eerste privatisering van watervoorzieningen heeft plaatsgevonden. De regenten in Parijs hebben in juni 2010 na een stortvloed aan controversies de privatisering van de watervoorziening uit de private handen van Veolia en Suez teruggedraaid. Een veertigtal andere gemeenten in Frankrijk deden hetzelfde. In Afrika, Azië, Latijns Amerika en Noord Amerika is het niet anders. Waterprivatisering is een concept dat in de praktijk vaak gruwelijk is mislukt.

Maude Barlow, voorzitter van “Food and water watch” en schrijfster van “Blue covenant: The global water crisis and the fight for the right to water” (blauwe overeenkomst: wereldwijde watercrisis en het gevecht om het recht op water) vindt het een schandaal. Een soortgelijke investering van het IFC aan de Filippijnen is uitgelopen op een ramp. Lokale gemeenschappen en hun bestuurders hebben de contracten met de bedrijven als Veolia allemaal opgezegd. De kosten wogen niet op tegen de baten en de service was beneden peil.

Nadat in 1995 in de Filippijnen de Water Crisis Act was ondertekend, werd een plan gerealiseerd, dat 283 miljoen dollar heeft gekost. Het werd gedeeltelijk gemanaged door giganten als Suez en Bechtel. In het begin leek het plan te gaan lukken, maar ná 2000 werden de prijzen voor water zo hoog en de kwaliteit van het water en de service zo slecht, dat de oppositie ertegen enorm groeide. Tegenwoordig zijn er nog mensen in de Filippijnen die geen wateraansluiting hebben. De tarieven voor water zijn drie tot zeven maal zo hoog geworden. In sommige regionen zijn cholera en gastro-enteritis in het vervuilde water de oorzaak dat mensen ziek worden en sterven. 

Volgens Barlow heeft de Wereldbank niets geleerd van voorgaande rampscenario’s en houdt het de ouderwetse strategie aan: vrije markt is de oplossing voor alle problemen van de wereld.

De Wereldbank laat in de geschiedenis een spoor na van “shocktherapieën”, die een vernietigend resultaat achterlieten op economisch gebied en qua zorg voor het milieu. De Wereldbank heeft scherpe kritiek gekregen van denkers als Josph Sitglitz, ooit de belangrijkste econoom van de Wereldbank. Ook Naomi Klein, wiens boek “The Shock Doctrine” een opsomming is van mislukkingen op het gebied van privatisering, van het culturele imperialisme en de ongevoeligheid voor de regionale verscheidenheid tot het domineren door een handvol elitaire regelaars. De wereldwijde economische crisis en de slechte pers die de Wereldbank heeft ontvangen moet genoeg zeggen.   

De Wereldbank heeft in het verleden privatisering doorgeduwd, om investeringen in de basale infrastructuur te kunnen verbeteren. Nu geven de ambtenaren van de Wereldbank toe, dat de internationale corporaties beknibbelen op de infrastructuur en uit zijn op meer winst. Efficiëntie is nu belangrijk, mensen worden ontslagen en het waternet van mensen die hun rekening niet kunnen betalen wordt afgesloten. 

Privatisering is een recept voor mislukking en protest. In 1998 heeft de Wereldbank garant gestaan voor een lening om de waterhuishouding in Yerevan te verbeteren. Dit is een stad in het Oost Europese Armenië. Er was een voorwaarde verbonden aan de lening. De opdracht moest door een private onderneming worden uitgevoerd. De van oorsprong Italiaanse multinational ACEA kreeg de klus. En faalde. ACEA kreeg het niet voor elkaar om meer mensen aan te sluiten op het waternet, met name door corruptie in het bedrijf zelf. ACEA kon de waterdruk niet op peil krijgen, waardoor rioolwater in het drinkwater sijpelde. Honderden mensen werden ziek. Dit weerhield de Wereldbank niet om in 2006 een nieuw contract te ondertekenen met Veolia, die de man aan de top van ACEA overnam. Na twee jaar had nog maar een op de drie mensen in Yerevan de zekerheid van 24 uur water per dag. Het probleem van het vervuilde water was nog niet opgelost. In 2015 zal Veolia waarschijnlijk een contractverlenging krijgen.

Hetzelfde geldt voor de Turkse stad Alacati. In de late jaren ’90 kreeg deze stad een lening van 13 miljoen dollar en de incompetentie van Veolia erbij. De rekening voor water werd 12 maal zo hoog als in andere delen van het land. Vermenigvuldig dat voor iedere stad in ieder land dat te maken kreeg met privatisering van de watervoorziening... en begrijp waarom IFC onder vuur ligt als hebzuchtige graaier van hulpbronnen. Begrijp waarom derdewereldlanden de Wereldbank wantrouwen, hoewel de Wereldbank goed zou kunnen doen, als het wilde.

Darcey O’Callaghan, directeur van de internationale beleidsafdeling van  “Food and water watch” meldt dat de Wereldbank onderlinge verdeeldheid kent in de standpunten rondom privatisering. Het ene staflid noemt het een mislukt experiment, terwijl een ander staflid zegt dat privatisering het juiste middel kan zijn voor een bepaalde gemeenschap. Onze statistieken laten zien dat 52% van de projecten tussen 2004 en 2008, gesteund door de Wereldbank, een of andere vorm van privatisering kenden.

Het IFC is een door de Wereldbank gesponsord instituut, wiens doel het is om privatisering te promoten. 80% van de leningen gingen naar de vier grootste multinationals op watergebied. De concentratie van de wereldwijde waterindustrieën is dus alleen maar toegenomen.  

Water is niet de enige hulpbron waar op Aarde om wordt gestreden. De regering van Engeland heeft eind oktober aangekondigd staatsbossen te willen verkopen om tekorten in de staatskas aan te vullen. Gasbedrijven mogen boren in natuurgebieden in Amerika. De bezetting van Irak door Amerika en Engeland is niets anders dan de strijd om de macht over de olie. Water is gewoon een andere hulpbron en een erg belangrijke.  

Woestijnen spreiden zich uit over meer dan 100 landen en steeds meer landen hebben te maken met droogtes. Het is duidelijk, dat we krijgen maken met tekorten aan schoon water. Er is meer vraag dan er aanbod is. De internationale waterbedrijven, gesteund door de Wereldbank, zoeken voordeel door deze crisis uit te buiten en de controle over de watervoorraden te pakken.  

We hoeven niet te verwachten dat de Wereldbank en IFC binnenkort een einde zullen maken aan privatiseringen. Elke stad, elke burger kan de rekening krijgen. We moeten nu protesteren en vechten met alle wapens die we in huis hebben. Probeer betrokken te zijn bij de watervoorziening op lokaal niveau. Weet waar het water dat je drinkt vandaan komt. Wees zuinig met water en opteer voor duurzaamheid. 

De enige manier waarop we zekerheid hebben op een toekomst met voldoende en zuiver water is als we de bronnen beschermen, water conserveren, water gescheiden houden en eerlijk verdelen. Water is voor iedereen een recht. Het is niet passend dat bedrijven  winst behalen aan de watervoorziening, terwijl mensen sterven door een tekort aan water.

 

© Scott Thill
Bron: http://peakwater.org/?p=3220
 
Vertaald door ‘t Vertalerscollectief

 





©2007 www.wijwordenwakker.org