DE VERBORGEN AGENDA VAN NASA


Boekbespreking ‘Dark Mission, The Secret History of NASA’
van Richard Hoagland en Mike Barra

Deel 3

‘…begrijp me goed, ik vind niet dat wie dan ook daaraan schuldig is. Het gebeurde doordat de idee van buitenaardse wezens zo onwaarschijnlijk was en het bewijsmateriaal zo tweeslachtig. Het lijkt er echter op dat we als samenleving de hele kwestie nu een stap verder kunnen voeren en misschien eindelijk enkele bevredigende antwoorden zullen vinden. Belangstelling hebben voor impliceert niet per se geloven in contact met buitenaardse wezens…’
Whitley Strieber

Gegoochel met maanfoto’s
In de originele NASA-catalogus van de Apollo 10 vlucht staan vele klein formaat foto’s van de maan, via de er onder staande framenummers zijn die te bestellen. Een groot aantal foto’s in de catalogus is (bijna) compleet zwart en wie zou de moeite nemen die te bestellen?



Onder dergelijke zwarte afbeeldingen blijken soms hele sets verschillende foto’s te zitten, foto’s die klaterhelder beeld laten zien. Het is op zich al vreemd dat die verschillende foto’s allemaal hetzelfde framenummer hebben, maar nog vreemder is dat er ook iets zeer bijzonders op is waar te nemen, iets dat NASA schijnbaar liever niet aan anderen wil laten zien. Onder framenummer AS10-32-4822 in de catalogus, staat een compleet zwart plaatje, mocht je dat toch bestellen dan krijg je een foto genomen door Apollo 10 met daarop een regio waarin zeer rechtlijnige structuren zijn te zien en deze worden aangeduid met ‘LA’, van Los Angeles omdat de structuren iets weg hebben van straten en huizenblokken, ook is op deze 4822 foto het al eerder besproken Castle te zien.




'LA' van dichtbij

Maar het vreemde van framenummer 4822 is, dat andere geïnteresseerden die deze foto ook bestelden, wel een foto van dezelfde regio kregen, maar vanuit een ander gezichtspunt, er is dus een hele serie foto’s door de Apollo 10 gemaakt, maar door NASA heimelijk opgeborgen onder hetzelfde framenummer en dan ook nog eens in de catalogus onder een volkomen zwart voorbeeld weggestopt.

Overigens verdween binnen één nacht een zeer duidelijke 4822-foto van the Castle uit de archieven van NASA. Hoagland was daar twee dagen op bezoek om de geïnteresseerde NASA-medewerkers (en dat zijn er heel veel!) te laten zien wat hij had gevonden en om uit te zoeken hoe het mogelijk was dat er onder hetzelfde framenummer zoveel verschillende foto’s zaten.

Op de laatste dag van zijn bezoek moesten beschaamde NASA-employees aan Hoagland bekennen dat juist de meest duidelijke foto van the Castle en omgeving de afgelopen nacht op onverklaarbare wijze uit de database was verdwenen. Blijkbaar was er iemand in de hogere NASA-regionen geschrokken van hetgeen Hoagland op de foto had ontdekt. Hoagland heeft de foto wel in zijn eigen verzameling, maar voor wetenschappelijk onderzoek door anderen moet een dergelijke foto in de database van NASA zitten, zodat eventueel geknoei kan worden uitgesloten en dat is dus niet meer het geval. De vraag is echter wie er nu werkelijk met de foto’s knoeit?

Je zou zeggen, als NASA niet wil dat deze foto’s te bestellen zijn, dan hadden ze de kleine zwarte afbeelding met dat framenummer gewoon weggelaten uit de catalogus. Maar er blijken bij NASA mensen te werken die weten wat de politiek van het kader van NASA is en het daar niet mee eens zijn. Er zijn meerdere zaken die vermoedelijk expres heimelijk verborgen zijn, maar door onderzoekers wel zijn te vinden, soms via een boodschap van een onbekende (NASA-insider?) die exact weet waar te kijken en die graag zou willen dat de waarheid aan het licht komt. NASA-bazen geven de opdrachten en die worden meestal door het personeel zonder morren uitgevoerd, maar niet altijd. En zo staan er in de catalogus zwarte foto’s waarvan de NASA-bazen wellicht niet weten wat er achter schuilgaat.

Zo ontmoette Hoagland in 1995 Ken Johnston. Johnston had in de jaren ’60 voor NASA gewerkt en ging eind jaren ’60 werken voor de Brown and Root Corporation en de Northrop Corporation in het Lunar Receiving Laboratory. Dit laboratorium had onder andere als taak de foto’s die van de Apollo-missies kwamen te ontwikkelen en in een database op te slaan. Johnston had later, toen hij allang niet meer voor die werkgever werkte, interesse gekregen in wat Hoagland meende ontdekt te hebben en nam in 1995 contact met hem op om zodoende Hoagland in de gelegenheid te stellen zijn originele, eerste generatie foto’s van de maan te bekijken. Maar hoe kwam Johnston aan die foto’s?

Johnston had de taak de eerste generatie Apollo-foto’s en negatieven in een database op te slaan en van alle foto’s werden vier complete sets bewaard, het ging daarbij om tienduizenden foto’s. In 1972, tegen het einde van de maanreizen, werd Johnston in het kantoor van S.J. ‘Bud’ Lyskawa, zijn leidinggevende, geroepen. Lyskawa vertelde hem dat hij orders van de NASA-directie had om alle originele maanfoto’s en de negatieven die Johnston in zijn database had te vernietigen. Johnston was met stomheid geslagen vanwege het feit dat iemand de opdracht kon geven de officiële registratie van de eerste verkenning van de mens buiten de aarde te vernietigen. Hij protesteerde en smeekte of hij de foto’s niet aan verschillende universiteiten mocht schenken, maar hij kreeg te horen dat zoiets was uitgesloten, men was vastbesloten, ze moesten vernietigd worden.

Johnston vernietigde uiteindelijk drie sets en van de vierde nam hij heimelijk een gedeelte mee naar huis en het andere deel schonk hij geruisloos aan de universiteit van Oklahoma City. Ken Johnston was dus zo iemand die tegen de opdracht van zijn meerderen in handelde. Maar Hoagland was daarmee wel in staat een groot deel eerste generatie foto’s te bekijken en op veel daarvan zijn zaken te zien die Hoaglands theorie onomstotelijk ondersteunen en die is dat er op een aantal plaatsen op de maan, juist daar waar de Apollo landingen plaatsvonden, waarschijnlijk ruines van grote glazen koepels staan en andere overblijfselen die moeilijk te negeren zijn en doen denken aan de overblijfselen van een intelligente beschaving die wellicht een miljoen jaar geleden de maan koloniseerde.

Op veel eerste generatie foto’s uit de verzameling van Ken Johnston zijn dergelijke schitteringen in de lucht boven het maanoppervlak te zien. Bij uitvergroting is het de exacte kleurweergave zoals glas het licht zou weerspiegelen. Voor het geval je mocht denken dat het een vallende ster is, de maan heeft geen atmosfeer, dus vallende sterren zie je er niet. Een komeet is het ook niet, daarvan zijn de namen en data bekend en er was er geen in de tijd dat deze foto werd gemaakt.
zie ook Enterprisemission 

De originele films van de maanlandingen zijn ook ‘kwijt’!
Midden 2006 stonden de kranten bol van het niet te bevatten nieuws dat NASA haar originele filmbanden van de eerste maanlanding met Neil Armstrong kwijt is. De banden die in meer 700 kisten zaten waren tot 1984 opgeslagen in de Amerikaanse nationale archieven in Accession. In dat jaar werden ze op twee na op verzoek van NASA allemaal teruggebracht naar het Goddard Space Flight Center in Greenbelt, Maryland. En daar loopt het spoor dood. Ja, NASA zou hard op zoek gaan en begreep er ook niets van. Maar hoe raak je 700 kisten met zeer waardevolle videobanden zomaar kwijt?

Er is meer vreemd gedrag van NASA wat deze video’s betreft. In 1968 had de firma Westinghouse een hoge resolutie kleurencamera ontwikkeld voor gebruik in de ruimte en op de maan. Die camera was in 1969 geperfectioneerd en was tijdens de Apollo 10 missie getest en werkte perfect, de camera produceerde drie uur duidelijke kleurenbeelden en zond die naar de aarde. Toch koos NASA ervoor om op de Apollo 11 missie, de historische missie waarbij werkelijk mensen op de maan zouden landen en lopen, een zwart wit camera mee te nemen, waarvan de beeldkwaliteit ook nog eens een stuk minder was dan van de nieuwe kleurencamera. Waarom die vreemde beslissing? Mochten de beelden niet al te duidelijk zijn die NASA wereldwijd aan tv-stations moest verschaffen? Op de eerste generatie maanfoto’s van Ken Johnston zijn heel wat details te zien die niet thuishoren op een maan zoals we denken dat die eruit moet ziet.

Als NASA niets te verbergen had, waarom werden dan niet de beste kwaliteit camera’s en filmbeelden gebruikt bij een 20 miljard dollar kostende operatie die duidelijk moest maken dat Amerika de Russen had verslagen in de race naar de maan? (Overigens verschaffen Hoagland en Bara in hun boek de antwoorden op alle tegenwerpingen die je misschien te binnen schieten over dit korte stukje tekst over camera’s en vreemde beelden.)

De zwart wit films van de maanlanding moesten in 1969 ook nog eens via een zeer bewerkelijk proces worden overgezet naar tv-standaard (iets waar de kleurencamera van Westinghouse geen last van had), waarbij veel beeldkwaliteit verloren ging en dat zorgde voor de wazige, donkere beelden die in die dagen op de televisie waren te zien. De originele banden zelf waren stukken beter.

Nu ik het verhaal over de opdracht van NASA aan Ken Johnston om de vier sets originele maanfoto’s en negatieven te vernietigen heb gehoord, ga ik vermoeden dat NASA welbewust ook de videobanden heeft vernietigd of opgeslagen op een locatie waar niemand zomaar binnenkomt, misschien het Pentagon, NASA is immers een militaire organisatie.

Een robot en bergen met 'ribben' op de maan?
Toen president Bush jr. in januari 2004 op het hoofdkwartier van NASA zijn nieuwe plannen voor het ‘reizen naar de maan, Mars en verder’ openbaarde, haalde hij ergens midden in zijn toespraak astronaut en de laatste man op maan Gene Cernan aan. Cernan was de commandant van de Apollo 17 missie. Bush redeneerde:

“Eugene Cernan, hij is vandaag bij ons, was de laatste man die voet op het maanoppervlak zette en toen hij daar wegging sprak hij de woorden: ‘We gaan weg zoals we kwamen en met Gods wil komen we terug, in vrede en met hoop voor de gehele mensheid, Amerika zal deze woorden waar maken.’”

En hoe denk je dat Cernan reageerde toen de zaal zich met applaus vulde? Hij weigerde zelfs op te staan op het gebaar van president Bush en keek nors tijdens het uitspreken van de woorden van de president. Waarom?


Eugene Cernan's (rechts) gezichtsuitdrukking tijdens het applaus

Waarom reageerde Eugene Cernan op dergelijke wijze? Had het misschien te maken met zijn vlucht naar de maan met Apollo 17, de laatste missie? Wilde Cernan, net als Armstrong tijdens zijn speech in 1994 op het Witte Huis, ons iets op subtiele wijze duidelijk maken?

Apollo 17 was verreweg de meest interessante vlucht wat betreft de landingsplaats. De naam daarvan was Taurus-Littrow. Het was een ruw terrein met kraters en dus gevaarlijk landingsterrein. Midden op dat terrein stond een hexagonale massieve berg, welke officieel het ‘Zuid Massief’ werd genoemd en gedeeltelijk naar binnen is ingestort, iets dat doet vermoeden dat de berg hol is. De tweede astronaut naast Cernan was Harrison ‘Jack’ Schmitt een geoloog. Zij hadden het drukste werkschema van alle maanlandingen en hadden in hun rover enkele mijlen op het maanoppervlak af te leggen. De opgetekende gesprekken geven aan dat beide mannen regelmatig zeer opgewonden reageerden op hetgeen zij zagen, maar ze gaven daarbij weinig details vrij. Ze hadden het echter wel over de ‘rimpels’ op het ‘Noord Massief’ een koepelvormige berg in de buurt. Latere foto’s laten zien wat zij bedoelden en je mag je terecht afvragen hoe het mogelijk is dat op de maan een dergelijk patroon is ontstaan.


Op de koepelvormige berg zie je horizontale en verticale 'ribben' de rimpels waarover de astronauten zo opgewonden waren.

De maan kent geen geërodeerde aardlagen zoals die op aarde zijn ontstaan, waarin je de afzonderlijke cyclussen van weersinvloeden en dergelijke op de bodem van miljoenen jaren kunt herkennen.

Cernan en Schmitt doen tijdens hun missie op de maan onderzoek aan zeer bijzondere ontdekkingen, maar laten daarbij de camera op de rover een andere kant op kijken, iets wat zeer vreemd is omdat die camera nu juist behoort vast te leggen wat ze doen en wat ze zien en vinden. Nu zou een astronaut in de opwinding kunnen vergeten de camera op zijn werk te richten, maar dan zou Houston hem binnen no-time terechtwijzen, iets dat bij de Apollo 17 missie niet gebeurde, dus was het de bedoeling dat er geen beelden van werden geschoten.

De twee mannen brengen ook een bezoek aan de Shorty krater, een foto daarvan toont de meest vreemde brokstukken, stukken die nog het meest lijken op mechanische delen van het een of ander.


Linksboven de 'schedel', links beneden en rechts van het midden de meest duidelijke 'mechanische delen', maar rechts bovenin ligt ook het een en ander dat niet bepaald doet denken aan rotsachtig materiaal

Maar wat heel duidelijk is, is een brokstuk dat een schedel lijkt te zijn. Hoagland denkt echter dat een echte schedel van bot het in een dergelijke omgeving nooit zou overleven en vermoedt dat het een deel van een robot is. De foto’s ervan zijn origineel, het ligt er echt zoals je het ziet, zelfs de rode band aan de onderkant van de schedel is in het echt aanwezig.


De schedel, misschien van een robot?

Wat hebben Cernan en Schmitt gevonden en onderzocht op dat deel van de maan? Waren het oeroude bouwsels gebouwd door een zeer antieke menselijke beschaving die de kennis en techniek bezat in de ruimte te reizen of is het van een intelligent ras van buiten ons zonnenstelsel of van een intelligent ras dat ooit op Mars leefde? Dat zijn vragen die we voorlopig niet kunnen beantwoorden, maar is het mogelijk dat Cernan en Schmitt de robotschedel mee naar de aarde hebben gebracht en zou het dan mogelijk kunnen zijn dat NASA daar bepaalde gegevens aan heeft onttrokken? NASA zal het ons niet vertellen, tenminste daar lijkt het voorlopig niet op. Maar zou het niet eens tijd worden dat de (Amerikaanse) media en politiek hun macht aanwenden en van NASA gaan eisen dat men openbaart wat men heeft ontdekt. Zie ook Enterprisemission

De pertinente voorkeur van NASA voor 19.5 en 33 graden
Uit de ‘monumenten’ op Mars, zoals het gezicht, het fort, de stad, enz. is op wiskundige wijze (tetraëdrische geometrie) het een en ander af te leiden en dat gaat behoorlijk ver.

Eén van die wiskundige zaken betreft de voor NASA zo belangrijke 19,5 graad. Als je in een bol een driedimensionale gelijkzijdige driehoek plaatst (in de Heilige Geometrie genaamd tetraëder) waarvan de top van driehoek de top van de bol raakt, dan raken de onderste drie hoekpunten van de driehoek de bol op 19,5 graad onder het midden. Plaats je twee tetraëders op onderstaande wijze in een bol dan geven zij zoals Hoagland en David Wilcock hebben aangetoond de geologische drukpunten weer op de Noordelijke en Zuidelijke breedtegraad van exact 19,47 (19,5) graden.


Stertetraëder in de planeten

Dat lijkt een simpel spelletje meetkunde, maar nadat Hoagland zijn berekeningen had gemaakt op basis van de monumenten op Mars in de Cydonia regio viel het hem vervolgens op dat die 19,5 graden op elk hemellichaam in ons zonnestelsel is terug te vinden. Op de zon vind je de grootste opwelling van zonnevlekken op 19,5 graad boven en onder de evenaar. Op Jupiter bevindt zich op die zuidelijke breedtegraad een grote rode vlek en op Neptunus een grote donkere vlek. Op Io, een maan van Neptunes bevinden zich op 19,5 graden boven en onder de evenaar vulkanen. Op Saturnus bevindt zich op 19,5 graad een brede band bewolking. Op Mars staat op 19,5 graad de gigantische vulkaan Olumpus Mons, en op aarde ligt op die breedte de vulkanisch zeer actieve eilandenreeks Hawaï.

Het heeft volgens Hoagland te maken met hyperdimensionale energieën die in exact die regionen, zoals aangegeven door de drukpunten van de tetraëder op 19,5 graden, voor de meeste energieopwelling zorgen. Waarschijnlijk brengen die krachten de vloeibare stoffen in een draaiende bol (een planeet of maan) in een werveling en komen die onder druk op exact 19,5 graad onder of boven de evenaar aan de oppervlakte. En hier komt de link naar de antieke aardse beschavingen binnen, wisten ook zij van deze energie en die 19,5 graad? Ze bezaten zoveel kennis over het heelal, dus is de kans heel groot dat ze ook dit wisten. Op 19,5 graden boven en onder de aardse evenaar vinden we een aantal zeer antieke bouwwerken en heilige plaatsen die duizenden jaren ouder zijn dan de orthodoxe geschiedenis toestaat. En is die wetenschap van de antieke oudheid doorgesijpeld via de Egyptische priesters en de geheime genootschappen naar de vrijmetselarij en uiteindelijk naar NASA?

Het getal 33 was voor de auteurs van het Oude Testament een sleutel tot vele zaken en het bevatte een enorme kracht. Sommige bijbelgeleerden hebben aan Jeremia 33:3 gerefereerd als het ‘telefoonnummer van God’. God had Jeremia te kennen geven dat hij zich met zijn vragen in een droom aan Hem kon wenden en Hij zou antwoorden. En 33 is in de vrijmetselarij de hoogst bereikbare graad van verlichting.

NASA gebruikt vanaf het begin van haar oprichting deze twee getallen, 19,5 en 33. Je ziet ze terugkomen in de positie van de landingsplaatsen, in de uitlijning van een paar zeer bepaalde sterren boven of onder de horizon van het hemellichaam waarop men het ruimtevaartuig neerzet, enz.


De vlag van de vrijmetselarij die met Buzz Aldrin meeging naar de maan.
Zie ook de aanduiding: 33º

De belangrijkste sterren voor NASA bij haar geheimzinnige berekeningen voor de juiste lanceer en landingstijd zijn:

* Sirius in Egypte de godin Isis = moedergodin van de aarde.

* De 3 gordelsterren (Mintaka, Alnilam en Alnitak) van Orion, in Egypte Osiris = de god van de dood, oordeel en opstanding en de overbrenger van kennis. De Egyptenaren lijnden hun drie grootste piramides in Ghiza op deze drie sterren uit.

* Het sterrenbeeld Leeuw voor Egypte de god Horus, de zoon van Isis en Osiris. Horus wordt tevens geassocieerd met Mars.

Er zijn vijf posities mogelijk, dat zijn: de horizon (is nul), 19,5 graad boven of onder de horizon en 33 graden boven of onder de horizon. Tevens zijn deze getallen (19,5 en 33) het belangrijkste onderdeel van de hyperdimensionale boodschap van Cydonia, de regio op Mars waar o.a. het gezicht ligt.

Bij de lancering vanaf de aarde van de ruimtevoertuigen bestemd voor Mars, staat Mars regelmatig op 19,5 graad boven of onder de positie van de lanceerplaats. Tijdens de landing op Mars staat de aarde exact op 19,5 graad boven of onder de positie van de landingsplaats. Deze standen zijn ook aanwezig als bijvoorbeeld de Marssondes hun eerste fotosessies aanvangen. Deze standen zijn slechts enkele minuten aanwezig, omdat we natuurlijk te maken hebben met bewegende planeten en manen, dus het vergt een zeer uitgekiende voorbereiding van NASA om met deze standen lanceringen en landingen plaats te laten vinden.

Ook tijdens de eerste lanceringen van ruimtevoertuigen naar de maan maakte NASA gebruik van deze getallen, maar doet dat ook bij de laatste missies naar Mars. Een kleine greep uit de vele voorbeelden:

Ranger 7 was in juli 1964 voor de Amerikanen de eerste succesvolle missie in het reizen naar de maan, het was de bedoeling het ruimtevoertuig op het oppervlak van de maan te laten inslaan. Tijdens de lancering stond de maan exact 33 graden onder de horizon van de lanceerplaats. Drie dagen later, exact op het moment van inslag, stond de ster Alnitak (1 van de 3 gordelsterren van Orion) op 19,5 graad boven de inslagplaats in Mare Cognitum.

Er zijn meerdere mogelijkheden, zo landde Surveyor 3 op 20 april 1967 (20 april is de verjaardag van Hitler) vier minuten voor middernacht GMT op de maan. De maan rees op dat tijdstip op exact 33 graden boven het Jet Propulsion Laboratory (JPL) in Pasadena. JPL had de controle over deze gehele missie.

De maanlander van Apollo 16 met de naam Osiris, landde op het moment dat Sirius (= Isis, de opstandingswederhelft van Osiris) op exact 33 graden onder de maanhorizon stond en rijzende was. Op hetzelfde moment stond boven Mission Control in Houston de Orion gordelster Mintaka op 19,5 graad boven het ruimtecentrum. De datum van landing was hierbij ook: 20 april, de verjaardag van Hitler!

De Mars Pathfinder landde op 4 juli 1997 op een exacte positie van 19,5°N bij 33,3°W op het Marsoppervlak. Mars zelf stond op 19,5 graden rijzende boven de aarde toen het ruimtetoestel naar Mars werd gelanceerd en de aarde stond toen de Pathfinder landde op 19,5 graden boven de landingsplek van Mars.

Werner von Braun werkte in White Sands Missile Range aan zijn eerste V-2 rakettesten in Amerika. Er was daar één lanceerplaats en toch had deze plaats de naam ‘Launch Complex 33’.

En de enige lanceerplaats op het Kennedy Space Center op Cape Canaveral? ‘Runway 33’ natuurlijk.

Zo zijn er vele en vele voorbeelden te geven, bijna geen enkele lancering en landing voldoet niet aan het bovenstaande en als er geen bovenstaande rituelen te vinden zijn, dan zullen er zeker andere occulte zaken aanwezig zijn geweest waarvan alleen NASA weet welke dat waren. Zie ook Enterprisemission.

NASA had onder andere een Egyptische geoloog in dienst welke de tijden, posities en namen selecteerde. De vader van deze Egyptenaar was een expert in de Egyptische sterrenreligie. Tevens kregen/krijgen zowel de ruimtevaartuigen als de maan- en Marslanders vaak een naam die is gerelateerd aan Egyptische goden.

Woordvoerders (wetenschappers!) van NASA wijzen de 19,5 graad en 33 graden tijdens NASA-landingen, lanceringen, enz. als toeval af. Echter, toeval is iets dat slechts 1 x in een mensenleven voorkomt en verder (bijna) nooit meer. Toeval is als je de hoofdprijs in de staatsloterij wint, maar als je hem binnen een paar jaar 20 x in de wacht sleept is er duidelijk iets meer aan de hand, heel wat meer! Hoe groot is dus de kans dat NASA bij de in feite sporadisch voorkomende landingen van ruimtevaartuigen op andere hemellichamen, telkens bij toeval exact in een regio terechtkomt die ligt op 19,5 en/of 33 graden en/of waarbij telkens weer een paar zeer bepaalde sterren en planeten in een stand van 19,5 of 33 graden boven of onder de horizon ten opzichte van de landingsplaats staan? Die kans is nog kleiner dan het winnen van de hoofdprijs!

Nu zijn al deze verborgen rituelen natuurlijk niet verboden, maar voor een open en eerlijke organisatie, zoals NASA in de ogen van de meeste mensen is, is het toch wel een verbazingwekkend fenomeen en dergelijk gedrag doet de verdenking dat het op meerdere NASA-zaken niet helemaal pluis zit wel toenemen.


Logo's Apollo en Orion

Ook de logo’s ontworpen voor NASA zitten boordevol symboliek. Op het Apollo logo zien we een grote A die in feite staat voor zowel Apollo, maar ook als de gelijkzijdige driehoek in een bol, daarbij de 19,5 graad aangevend. In het midden van de A staan de drie gordelsterren van Orion en de andere sterren in het logo zijn ook belangrijke sterren.

Het nieuwe ruimteprogramma van NASA heet ‘Orion’ en het logo spreekt voor zich. In plaats van de A in het Apollo logo, is nu het logo zelf de gelijkzijdige driehoek en alweer komen er (zelfs 2 x) de drie gordelsterren van Orion in voor.

Op zich is ook hier niets mis mee, maar NASA doet net alsof het allemaal toeval is en sommige woordvoerders beweren doodleuk dat zij niets van dergelijke zaken herkennen. Een geluk voor NASA is dat zij zelf geen astronauten zijn, anders vlogen ze vanwege dat gebrekkige zicht wellicht niet naar de fel verlichte volle maan, maar rechtstreeks de eindeloze, donkere ruimte in.




Auteur: © Paul Harmans, Maart 2008
Met dank aan: Ufowijzer

Met dank aan de NASA voor het gebruik van de afbeeldingen.




Voor meer informatie:
Drie delen Project Camelot video-interviews met Richard Hoagland.
Raadpleeg het boek Dark Mission.
Website NASA:
Italiaanse website met veel originele en zeer grote foto’s van de maan die vaak op onverklaarbare wijze op deze website verschijnen. Waarschijnlijk zijn het mensen van binnen NASA die de geheimhouding zat zijn en dergelijke afbeeldingen vanuit de NASA-database stiekem vrijgeven:
 





©2007 www.wijwordenwakker.org