Federal Reserve Kartel: de acht families



De Four Horsemen of Banking (Bank van America, JP Morgan Chase, Citigroup en Wells Fargo) bezitten de Four Horsemen of Oil (Exxon Mobil, Royal Dutch/Shell, BP en Chevron Texaco); samen met Deutsche Bank, BNP, Barclays en andere Europese oud-geldgiganten. Maar hun monopolie over de wereldeconomie stopt niet aan de rand van de olievelden.

De Four Horsemen of Banking behoren tot de top tien aandeelhouders van vrijwel alle Fortune 500 bedrijven.

Wie zijn de aandeelhouders van deze centrale geldscheppende banken?

Deze informatie wordt zorgvuldiger bewaakt. Mijn vragen aan regelgevende instanties over het eigendom van aandelen in de top 25 Amerikaanse bankholdings werden eerst aanvaard maar later geweigerd op grond van de ‘nationale veiligheid’. Dat is wel wat ironisch daar veel aandeelhouders van banken in Europa wonen.

Een grote vergaarbak voor de rijkdommen van de wereldwijde oligarchie die deze bankholdings in handen heeft, is US Trust Corporation - opgericht in 1853 en nu in handen van de Bank of America. Een recente US Trust Corporate Directeur en Honorary Trustee was Walter Rothschild. Andere directeuren waren Daniel Davison van JP Morgan Chase, Richard Tucker van Exxon Mobil, Daniel Roberts van Citigroup en Marshall Schwartz van Morgan Stanley. [2]

J. W. McCallister, een olieindustrie-insider met connecties met het Huis Saud, schreef in The Grim Reaper dat volgens informatie die hij van Saoudi bankiers kreeg, 80% van de New York Federal Reserve Bank – verreweg de machtigste FED branch - in handen is van slechts acht families, waarvan er vier in de VS wonen. Het zijn de Goldman Sachs, Rockefellers, Lehmans en Kuhn Loebs uit New York, de Rothschilds uit Parijs en Londen, de Warburgs uit Hamburg, de Lazards uit Parijs en de Israel Moses Seifs uit Rome.

CPA Thomas D. Schauf bevestigt de beweringen van McCallister en voegt eraan toe dat tien banken alle twaalf Federal Reserve Bank branches beheren. Hij noemt N.M. Rothschild in Londen, Rothschild Bank in Berlijn, Warburg Bank in Hamburg, Warburg Bank in Amsterdam, Lehman Brothers in New York, Lazard in Parijs, Kuhn Loeb Bank in New York, Israel Moses Seif Bank in Italië, Goldman Sachs in New York en JP Morgan Chase Bank in New York. Schauf noemt William Rockefeller, Paul Warburg, Jacob Schiff en James Stillman als personen die een groot aandeel in de Fed hebben. De Schiffs zijn kind aan huis bij Kuhn Loeb. De Stillmans zijn Citigroup insiders, die rond de eeuwwisseling in de Rockefeller clan zijn ingetrouwd.

Eustace Mullins kwam tot dezelfde conclusies in zijn boek The Secrets of the Federal Reserve, waarin hij de banden aangeeft tussen de FED en de lidbanken enerzijds en de families Rothschild, Warburg, Rockefeller en meer anderzijds.

De controle die deze bankiersfamilies op de wereldeconomie uitoefenen, kan niet sterk genoeg worden benadrukt en wordt bewust geheim gehouden. Hun corporate media arm noemt de informatie over dit particuliere centrale bankkartel een “complottheorie”. Maar de feiten staan er.

Het Huis Morgan

De Federal Reserve Bank werd in 1913 opgericht, het jaar waarin de Amerikaanse banktelg J. Pierpont Morgan stierf en de Rockefeller Foundation werd opgericht. Het Huis Morgan had de leiding over de Amerikaanse financiën vanaf Wall Street-Broad Street, handelend als kwasi Amerikaanse centrale bank sinds 1838, toen George Peabody hem in Londen vestigde.

Peabody was een zakenpartner van de Rothschilds. In 1952 uitte Fed researcher Eustace Mullins de veronderstelling dat de Morgans gewoon Rothschild-agenten waren. Mullins schreef dat de Rothschilds, “…liever anoniem opereerden in de VS achter de façade van J.P. Morgan & Company“.

De schrijver Gabriel Kolko stelde dat “Morgan’s activiteiten in 1895-1896 in de verkoop van Amerikaanse goudobligaties in Europa waren gebaseerd op een alliantie met het Huis Rothschild.”

De financiële octopus Morgan sloeg al snel zijn tentakels rond de aardbol. Morgan Grenfell opereerde in Londen. Morgan et Ce heerste in Parijs. De Rothschild-neven Lambert zetten Drexel & Company op in Philadelphia.

Het Huis Morgan bankierde voor de Astors, DuPonts, Guggenheims, Vanderbilts en Rockefellers. Het financierde de lancering van AT&T, General Motors, General Electric en DuPont. Net als de in Londen gebaseerde Rothschild en Barings banken, behoorde Morgan in veel landen tot de machtstructuur.

Tegen 1890 leende het Huis Morgan aan de Egyptische centrale bank, financierde de Russische spoorwegen, bracht de Braziliaanse provinciale staatsobligaties in omloop en bekostigde projecten voor openbare werken in Argentinië. Een recessie in 1893 vergrootte de macht van Morgan. Dat jaar redde Morgan de Amerikaanse overheid van een bankcrisis, met een syndicaat om de rijksreserves van de ondergang te redden met een zending van $62 miljoen aan Rothschild goud.

Morgan was de drijvende kracht achter de uitbreiding naar het westen van de VS, door spoorwegen naar het westen te financieren en te beheersen via krediet met stemrecht. In 1879 verleende Cornelius Vanderbilt’s door Morgan gefinancierde New York Central Railroad preferentiële transportkosten aan John D. Rockefeller’s Standard Oil monopolie in de dop, waardoor de relatie Rockefeller/Morgan werd versterkt.

Het Huis Morgan was nu onder de controle van de familie Rothschild en Rockefeller. Een kop in de New York Herald luidde, “Spoorwegkoningen vormen gigantisch kartel”. J. Pierpont Morgan, die ooit beweerde, “Concurrentie is een zonde”, zei nu vrolijk, “Denk je eens in. Alle concurrerende spoorwegverkeer ten westen van St. Louis onder de controle van ongeveer dertig man.“

Morgan en Edward Harriman’s bankier Kuhn Loeb had het monopolie over de spoorwegen terwijl de bankiersdynastieën Lehman, Goldman Sachs en Lazard zich bij de Rockefellers voegden in de controle van de Amerikaanse industriële basis.

In 1903 werd Banker’s Trust opgezet door de Acht Families. Benjamin Strong van Banker’s Trust was de eerste president van de New York Federal Reserve Bank. De creatie in 1913 van de Fed verenigde de macht van de Acht Families met de militaire en diplomatieke macht van de Amerikaanse overheid. Als de leningen overzee niet werden terugbetaald, konden de oligarchen nu de US Marines inzetten om de schulden te innen. Morgan, Chase en Citibank vormden een internationaal leensyndicaat.

Het Huis Morgan stond op goede voet met het Huis Windsor en het Italiaanse Huis Savoy. De Kuhn Loebs, Warburgs, Lehmans, Lazards, Israel Moses Seifs en Goldman Sachs hadden ook nauwe banden met de Europese koninklijke families. Tegen 1895 had Morgan de goudstroom in en uit de VS in handen. De eerste Amerikaanse fusiegolf stond in de kinderschoenen en werd door de bankiers gestimuleerd. In 1897 waren er negenenzestig industriële fusies. Tegen 1899 waren dat er twaalfhonderd. In 1904 zei John Moody – oprichter van Moody’s Investor Services – dat de belangen van Rockefeller en Morgan onverbrekelijk verbonden waren.

Het publieke wantrouwen over de kongsie groeide. Velen beschouwden hen als verraders in dienst van Europees oud geld. Rockefeller’s Standard Oil, Andrew Carnegie’s US Steel en Edward Harriman’s spoorwegen zijn allemaal gefinancierd door Jacob Schiff, bankier bij Kuhn Loeb, die nauw samenwerkte met de Europese Rothschilds.

Verschillende staten in het Westen verjoegen de bankiers. Populistisch preker William Jennings Bryan is driemaal door de democraten genomineerd als president van 1896 -1908. Het centrale thema van zijn anti-imperialistische campagne was dat Amerika in de val van “financiële onderworpenheid aan Brits kapitaal” liep. Teddy Roosevelt versloeg Bryan in 1908, maar werd door dit rondgaande populistische vuur gedwongen de Sherman Anti-Trust wet aan te nemen. Vervolgens ging hij achter de Standard Oil Trust aan.

In 1912 werd de machtsconcentratie op Wall Street behandeld. Datzelfde jaar verkocht mevrouw Edward Harriman haar omvangrijke portefeuille aandelen in de New Yorkse Guaranty Trust Bank aan J.P. Morgan, en zo kwam Morgan Guaranty Trust tot stand. De rechter Louis Brandeis overtuigde de Amerikaanse president Woodrow Wilson om een einde te maken aan overlappende raden van bestuur. In 1914 werd de Clayton Anti-Trust wet aangenomen.

Jack Morgan - J. Pierpont’s zoon en opvolger – reageerde door Morganklanten Remington en Winchester op te roepen de wapenproductie op te voeren. Hij beweerde dat de VS mee moesten doen aan WO 1. Onder druk van de Carnegie Foundation en andere oligarchische fronten, stemde Wilson toe. Zoals Charles Tansill schreef in America Goes to War, “Nog voor het wapengekletter telegrafeerde de Franse firma Rothschild Frères aan Morgan & Company in New York over de uitgifte van een lening van 100 miljoen dollar, waarvan een groot deel in de VS moest blijven om de Franse aankoop van Amerikaanse goederen te bekostigen.”

Het Huis Morgan financierde de helft van de Amerikaanse oorlogsinspanningen, en kreeg commissies voor het steunen van bedrijven als GE, Du Pont, US Steel, Kennecott en ASARCO. Dat waren allemaal Morganklanten. Morgan financierde ook de Britse Boerenoorlog in Zuid-Afrika en de Frans-Prussische oorlog. De Parijse vredesconferentie van 1919 werd voorgezeten door Morgan, die zowel de Duitse als de geallieerde wederopbouw leidde.

In de jaren 30 stak het populisme in Amerika weer de kop op toen Goldman Sachs, Lehman Bank en andere profiteerden van de Crash van 1929. House Banking Committee Chairman Louis McFadden zei over de Grote Depressie, “Het was geen ongeluk, maar zorgvuldig beraamd...De internationale bankiers probeerden een wanhopige situatie te veroorzaken zodat ze er als heersers over ons allen uit zouden komen“.

Senator Gerald Nye leidde een munitie-onderzoek in 1936. Nye concludeerde dat het Huis Morgan de VS in de WO 1 had gestort om leningen te beschermen en een bloeiende wapenindustrie te creëren. Nye produceerde later een document genaamd The Next War, dat op cynische wijze verwees naar “de oude truc van de godin democratie”, waardoor Japan kon worden gebruikt om de VS in WO 2 te lokken.

In 1937 waarschuwde minister van Binnenlandse Zaken Harold Ickes voor de invloed van “America’s 60 Families”. Historicus Ferdinand Lundberg schreef later een boek met ongeveer dezelfde titel. William O. Douglas, van de Amerikaanse Hoge Raad zei geringschattend, “De invloed van Morgan...de kwaadaardigste in industrie en financiën tegenwoordig.”

Jack Morgan reageerde door de VS in WO 2 te duwen. Morgan had nauwe banden met de families Iwasaki en Dan – de twee rijkste clans van Japan – die respectievelijk eigenaar waren van Mitsubishi en Mitsui, sinds die bedrijven ontstonden uit 17e eeuwse shogunaten. Toen Japan Mantsjoerije binnenviel en Chinese boeren afslachtte in Nanking, bagatelliseerde Morgan het incident. Morgan had ook nauwe relaties met de Italiaanse fascist Benito Mussolini, en de Duitse Nazi Dr. Hjalmer Schacht was een Morgan Bank contact in WO 2. Na de oorlog ontmoetten Morgan vertegenwoordigers Schacht in de Bank of International Settlements (BIS) in Bazel, Zwitserland.

Het Huis Rockefeller

BIS is de machtigste bank ter wereld, een universele centrale bank voor de Acht Families die de particuliere centrale banken van bijna alle Westerse en ontwikkelingslanden beheersen. De eerste president van BIS was Rockefeller-bankier Gates McGarrah - die werkte bij Chase Manhattan en de Federal Reserve. McGarrah was de grootvader van de vroegere CIA-directeur Richard Helms. De Rockefellers - net als de Morgans - hadden nauwe banden met Londen. David Icke schrijft in Children of the Matrix, dat de Rockefellers en Morgans slechts “loopjongens” voor de Europese Rothschilds waren.

BIS is in handen van de Federal Reserve, Bank of England, Banca di’Italia, Bank of Canada, Swiss National Bank, Nederlandsche Bank, Bundesbank en Banque de France.

De geschiedkundige Carroll Quigley schreef in zijn epische boek Tragedy and Hope dat BIS deel uitmaakte van een plan “om een wereldsysteem van financiële controle in particuliere handen te creëren dat het politieke systeem van elk land en de wereldeconomie als geheel kan domineren...op feodale wijze te beheren door de centrale banken van de wereld die via geheime overeenkomsten samenwerken.”

De Amerikaanse overheid wantrouwde BIS van oudsher, en lobbyde zonder succes voor de ontmanteling tijdens de Bretton Woods Conferentie van 1944 na WO 2. De macht van de Acht Families was verzwakt met de Bretton Woods creatie van het IMF en de Wereldbank. De Amerikaanse Federal Reserve nam pas in september 1994 aandelen in BIS.

BIS bezit ten minste 10% van de monetaire reserves voor minstens 80 centrale banken ter wereld, het IMF en andere multilaterale instellingen en fungeert als financieel agent voor internationale overeenkomsten, verzamelt informatie over de wereldeconomie en is last resort lener om het financiële crash te voorkomen.

BIS heeft een kapitalistisch fascistische monopolie-agenda. De bank gaf een overbruggende lening aan Hongarije in de jaren 90 om de privatisering van de economie te verzekeren en diende als kanaal voor de financiering van de Acht Families van Adolf Hitler - geleid door de Warburg’s J. Henry Schroeder en Mendelsohn Bank in Amsterdam. Veel onderzoekers beweren dat BIS het zenit is van het wereldwijd witwassen van drugsgelden.

Het is geen toeval dat BIS zijn hoofdkantoor heeft in Zwitserland, de favoriete schuilplaats voor de rijkdommen van de wereldwijde aristocratie en hoofdkwartier van de P-2 Italiaanse Vrijmetselaars Alpina Lodge en Nazi International. Andere instellingen die beheerst worden door de Acht Families zijn het Wereld Economisch Forum, de Internationale Monetaire Conferentie en de WereldHandelsOrganisatie.

Bretton Woods was een zegen voor de Acht Families. Het IMF en de Wereldbank stonden centraal in deze “nieuwe wereldorde”. In 1944 werden de eerste wereldbank obligaties uitgegeven door Morgan Stanley en First Boston. De Franse familie Lazard raakte meer betrokken bij de belangen van het Huis Morgan. Lazard Frères - Frankrijk’s grootste investeringsbank - is in handen van de families Lazard en David-Weill - oude Genuase bankiers vertegenwoordigd door Michelle Davive. Een recente voorzitter en CEO van Citigroup was Sanford Weill.

In 1968 lanceerde Morgan Guaranty Euro-Clear, een bankclearingsysteem in Brussel voor eurodollar effecten. Het was de eerste geautomatiseerde poging. Sommigen noemden Euroclear “het beest”. Brussel diende als hoofdkwartier voor de nieuwe Europese Centrale Bank en voor de NATO. In 1973 kwamen Morgan functionarissen in het geheim in Bermuda bijeen om het oude Huis Morgan illegaal weer nieuw leven in te blazen, twintig jaar voordat de Glass Steagal wet werd herroepen. Morgan en de Rockefellers gaven financiële steun aan Merrill Lynch, waardoor hij tot de Big 5 van de Amerikaanse investeringsbanken ging behoren. Merrill is nu onderdeel van de Bank of America.

John D. Rockefeller gebruikte zijn oliegelden voor de aankoop van Equitable Trust, dat verscheidene grotere banken en bedrijven had opgeslokt rond de jaren 20. De Grote Depressie hielp de macht van Rockefeller te consolideren. Zijn Chase Bank fuseerde met Kuhn Loeb’s Manhattan Bank tot Chase Manhattan, een versterking van oude familieverbanden. De Kuhn-Loeb’s hadden samen met de Rothschilds het streven van Rockefeller om koning van de olievelden te worden gefinancierd. National City Bank of Cleveland bezorgde John D. het geld dat nodig was voor deze monopolisering van de Amerikaanse olie-industrie. De bank werd in Congress hoorzittingen aangewezen als een van de banken van Rothschild in de VS in de jaren 70 van de 19e eeuw, toen Rockefeller Standard Oil of Ohio in het leven riep. [17]

Een Rockefeller Standard Oil partner was Edward Harkness, wiens familie Chemical Bank in handen kreeg. Een andere was James Stillman, wiens familie Manufacturers Hanover Trust leidde. Beide banken zijn gefuseerd onder de JP Morgan Chase paraplu. Twee van James Stillman’s dochters zijn getrouwd met zonen van William Rockefeller. De twee families beheersen ook een groot deel van Citigroup. [18]

In verzekeringen beheren de Rockefellers Metropolitan Life, Equitable Life, Prudential en New York Life. Rockefeller banken hebben 25% van alle activa van de 50 grootste Amerikaanse handelsbanken in handen en 30% van alle activa van de 50 grootste verzekeringsmaatschappijen. [19] Verzekeringsmaatschappijen - de eerste in de VS werd gelanceerd door vrijmetselaars via hun Woodman’s of America- spelen een sleutelrol in de wissel van drugsgelden in Bermuda.

Bedrijven onder Rockefellerbeheer zijn Exxon Mobil, Chevron Texaco, BP Amoco, Marathon Olie, Freeport McMoran, Quaker Oats, ASARCO, United, Delta, Northwest, ITT, International Harvester, Xerox, Boeing, Westinghouse, Hewlett-Packard, Honeywell, International Paper, Pfizer, Motorola, Monsanto, Union Carbide en General Foods.

De Rockefeller Foundation heeft nauwe financiële banden met zowel Ford als Carnegie Foundation. Andere filanthropische inspanningen zijn het Rockefeller Brothers Fund, Rockefeller Institute for Medical Research, General Education Board, Rockefeller University en de Universiteit van Chicago – die een gestage stroom van ultrarechtse economen levert als apologeet voor internationaal kapitaal, inclusief Milton Friedman.

De familie bezit 30 Rockefeller Plaza, waar elk jaar de nationale kerstboom staat, en Rockefeller Center. David Rockefeller was behulpzaam bij de bouw van de World Trade Center torens. De hoofdwoning van de Rockefellers is een kolossaal complex in upstate New York bekend onder de naam Pocantico Hills. Ze bezitten ook een 32-kamerflat aan 5th Avenue in Manhattan, een herenhuis in Washington, DC, Monte Sacro Ranch in Venezuela, koffieplantages in Ecuador, verscheidene boerderijen in Brazilië, grond in Seal Harbor, Maine en vakantieoorden in het Caribische gebied, Hawaï en Puerto Rico.

De families Dulles en Rockefeller zijn verwant. Allen Dulles richtte de CIA op, hielp de Nazi’s en maakte een deal met de Muslim Brotherhood om mindcontrolmoordenaars te maken.

Broer John Foster Dulles had de leiding over de Goldman Sachs neptrusts vóór de beurscrash van 1929 en hielp de regering in Iran en Guatemala omver te werpen. Beide waren Skull & Bones, Council on Foreign Relations (CFR) insiders en 33e graad vrijmetselaren.

De Rockefellers hielpen bij de vorming van de ontvolkinggerichte Club van Rome op hun familielandgoed in Bellagio, Italië. Hun Pocantico Hills bezit was de wieg van de Trilaterale Commissie. De familie is een belangrijke oprichter van de eugenetische beweging die Hitler voortbracht, mensen kloont en de huidige DNA-obsessie in Amerikaanse wetenschappelijke milieus.

John Rockefeller Jr. was voorzitter van de Population Council tot zijn dood. Zijn zoon met dezelfde naam is Senator voor West Virginia. Broer Winthrop Rockefeller was Lieutenant Governor van Arkansas en is nog steeds de machtigste man in die staat. In een interview van oktober 1975 met Playboy gaf Vice-President Nelson Rockefeller – die ook Gouverneur van New York was – de patroniserende visie van de familie op de wereld , “Ik geloof in planning - economische, sociale, politieke, militaire, totale wereldplanning.”

Maar van alle Rockefeller broers is David, de oprichter van de Trilateral Commission (TC) en president van Chase Manhattan, de aanvoerder van de fascistische agenda van de familie wereldwijd. Hij verdedigde de Shah van Perzië, het Zuid-Afrikaanse apartheidsregime en de junta van Pinochet in Chili. Hij was de grootste financierder van de CFR, de TC en (tijdens de oorlog in Vietnam) de Committee for an Effective and Durable Peace in Asia- een contractgoudmijntje voor allen die geld verdienden aan het conflict.

Nixon vroeg hem als minister van financiën, maar Rockefeller weigerde de baan omdat hij wist dat zijn macht veel groter was aan het roer van Chase. Auteur Gary Allen schrijft in The Rockefeller File dat in 1973, “David Rockefeller zevenentwintig staatshoofden ontmoette, inclusief die van Rusland en Communistisch China.”

Na de Nugan Hand Bank/CIA coup in 1975 tegen de Australische Premier Gough Whitlam, spoedde zijn door de Britse kroon benoemde opvolger Malcolm Fraser zich naar de US, waar hij President Gerald Ford ontmoette na overleg met David Rockefeller.

Deel 1 van 4
Wordt verwacht: Deel 2, Vrijmetselaars & de Bank of the United States


© Dean Henderson
Met dank aan Global Research, 1 juni 2011
Bron: http://www.globalresearch.ca/index.php?context=va&aid=25080

Vertaald door 't vertalerscollectief

Noten:

[1] 10K Filings of Fortune 500 Corporations to SEC. 3-91
[2] 10K Filing of US Trust Corporation to SEC. 6-28-95
[3] “The Federal Reserve ‘Fed Up’. Thomas Schauf. www.davidicke.com 1-02
[4] The Secrets of the Federal Reserve. Eustace Mullins. Bankers Research Institute. Staunton, VA. 1983. p.179
[5] Ibid. p.53
[6] The Triumph of Conservatism. Gabriel Kolko. MacMillan and Company New York. 1963. p.142
[7] Rule by Secrecy: The Hidden History that Connects the Trilateral Commission, the Freemasons and the Great Pyramids. Jim Marrs. HarperCollins Publishers. New York. 2000. p.57
[8] The House of Morgan. Ron Chernow. Atlantic Monthly Press NewYork 1990
[9] Marrs. p.57
[10] Democracy for the Few. Michael Parenti. St. Martin’s Press. New York. 1977. p.178
[11] Chernow
[12] The Great Crash of 1929. John Kenneth Galbraith. Houghton, Mifflin Company. Boston. 1979.
.148
[13] Chernow
[14] Children of the Matrix. David Icke. Bridge of Love. Scottsdale, AZ. 2000
[15] The Confidence Game: How Un-Elected Central Bankers are Governing the Changed World Economy. Steven Solomon. Simon & Schuster. New York. 1995. p.112
[16] Marrs. p.180
[17] Ibid. p.45
[18] The Money Lenders: The People and Politics of the World Banking Crisis. Anthony Sampson. Penguin Books. New York. 1981
[19] The Rockefeller File. Gary Allen. ’76 Press. Seal Beach, CA. 1977
[20] Ibid
[21] Dope Inc.: The Book That Drove Kissinger Crazy. Editors of Executive Intelligence Review. Washington, DC. 1992
[22] Marrs.
[23] The Rockefeller Syndrome. Ferdinand Lundberg. Lyle Stuart Inc. Secaucus, NJ. 1975. p.296
[24] Marrs. p.53

 

Dean Henderson is the author of Big Oil & Their Bankers in the Persian Gulf: Four Horsemen, Eight Families & Their Global Intelligence, Narcotics & Terror Network and The Grateful Unrich: Revolution in 50 Countries. His Left Hook blog is at www.deanhenderson.wordpress.com






©2007 www.wijwordenwakker.org